__NOTOC__ Wijntje.jpg | The_Wine_Gallery_Ootmarsum.jpg]] Wijn is een alcoholhoudende drank die ontstaat na het vergisten van het sap van druiven. De oenologie is de tak van de wetenschap die wijn maken bestudeert.
Circa 2000 jaar voor Chr bereikte de druivenstok Griekenland. Op Kreta zijn amforen en een wijnpers gevonden die dateren van 1500 jaar voor onze jaartelling. De kunst van het wijnmaken heeft zich daarna vanuit Griekenland verder verspreid naar Italië, Frankrijk en Spanje. Amforen waren kruiken in aardewerk die gebruikt werden om graan of vloeistoffen in te bewaren. Omdat een amfora te poreus was om wijn in te bewaren werd er hars aan de wijn toegevoegd. Omdat hars de houdbaarheid van wijn kennelijk verbeterde bleven de Griekse wijnbouwers hars aan hun wijnen toevoegen: de retsina was de meest bekende Griekse wijn en wordt nog altijd gemaakt. Een andere reden voor de toevoeging van hars die genoemd wordt, is dat mensen aan de harssmaak gewend zouden zijn geraakt, en deze anders zouden missen. Vanaf 1980 werden moderne vinificatiemethoden in Griekenland geïntroduceerd en appellations controlées ingevoerd.
De oude Grieken dronken hun wijn verdund met water, en gebruikten daarvoor een drinkschaal.
De meeste wijngebieden in het huidige Frankrijk (de Elzas is de uitzondering) dateren uit de Romeinse tijd. De wijnbouw kende onder de Romeinen een periode van grote bloei, echter in de vijfde eeuw na Christus storte het Romeinse Rijk ineen en de meeste wijngaarden werden vernietigd door Germanen en Moren. In het begin van de Middeleeuwen raakte de wijncultuur in verval. Hij kwam weer tot bloei met de komst van het christendom: elk klooster had een eigen wijngaard om miswijn te maken. In de streek van Doornik tot Luik werd in de 10e eeuw wijn gemaakt.
Tot in de 17e eeuw werd hoofdzakelijk jonge wijn gedronken. Door het gebruik van kurk werd het daarna mogelijk wijn langer in flessen te bewaren.
In de periode vanaf 1864 werden duizenden hectaren wijngaarden in Frankrijk vernield door de druifluis (Phylloxera vastatrix). Het onderzoek van Pasteur naar de oorzaken van ziekten van wijn en de methode om wijn te bewaren legde de grondslag voor de oenologie. De Franse wijnbouw werd gered door Europese druivensoorten te enten op Amerikaanse stammen die resistent waren voor de vraatzucht van de druifluis. De Amerikaanse variant bleek namelijk in staat om opnieuw wortelpunten aan te groeien.
Frankrijk kent al lang een systeem waarbij een wettelijk beschermde naam wordt toegestaan als wordt voldaan aan verschillende voorwaarden als wijngebied, wijnstokken die gebruikt worden en eventueel in welke verhouding, maximale opbrengst per hectare en alcoholpercentage. De beste kwaliteit is Appellation d'Origine Contrôlée (A.O.C.) en Vins Délimités de Qualité; Supérieure (VDQS) zijn beter dan Vins de Pays. Sinds 1963 heeft Italië een gelijkaardig systeem, sinds 1970 ook Spanje.
Hoewel de uitzondering de regel bevestigt, kan over het algemeen gezegd worden: hoe kleiner de appellation hoe beter de wijn. Wijn met de AOC Bordeaux kan bijvoorbeeld uit de volledige Bordeaux komen. De Bordeaux wordt onderverdeeld in grote regio's zoals Médoc en Haut-Médoc, etc. Binnen de Haut-Médoc hebben de beste wijnen een zogenaamde gemeente-appellation zoals Pauillac, Margaux en Saint-Estèphe. Vervolgens is er nog een eregalerij van geklasseerde wijnen, de zogenaamde grands crus. In de Bordeaux is de officiële classificatie in 1855 vastgesteld en werden de beste wijnen van dat moment in 5 categorieën geplaatst. De wijnen van de hoogste categorie zijn Premier cru. Voorbeelden hiervan: Chateau Latour, Chateau Lafite-Rothschild en Chateau Margaux. In de Bourgogne is de waardering juist omgekeerd: daar zijn de wijngaarden geclasseerd (en dus niet de wijnmakers of chateaus!). De hoogste classificatie is daar grand cru, terwijl de premier cru een classificatie minder betreft.
Vanwege de starheid van een dergelijk systeem (wie zegt dat de beste wijnen in 1855 nog steeds de beste zijn?) stappen nu en dan wijnmakers uit de officiële classificatie. Dit is gestart in Italië, toen bepaalde wijnmakers zich beperkt voelden door de voorgeschreven druivensoorten. Zij brachten topwijn op de markt met het meest bescheiden kwaliteitskeurmerk (vino da tavola), maar tegen topprijzen. Boegbeeld hiervan was Sassicaia. Inmiddels hebben sommige van deze wijnen een eigen appellatie verkregen.
In feite wordt wijn in Frankrijk bijna uitsluitend nog het sap van verse druiven gebruikt. Uitzondering is de vin de paille uit de Jura. Na het oogsten worden de druiven een tijd uitgespreid op een laag stro (paille) en door het drogen neemt de concentratie suiker in het sap toe. De Amarone della Valpolicella (uit Veneto, Noord-Italië) wordt op vergelijkbare manier gemaakt.
Een deskundige op het gebied van wijnsoorten noemt men een vinoloog. Oenologie is de studie van wijn. De universiteit van Bordeaux kent een faculteit "oenologie", maar in vrijwel elk wijngebied zijn er landbouwhogescholen waar het maken van wijn wordt onderricht.
De grootste producenten van wijn in 2003 waren Frankrijk, Spanje, Italië, de Verenigde Staten en Argentinië.
Ten noorden van de Loire wordt in Normandië en Bretagne een appelwijn gemaakt die cider wordt genoemd. Verder kan wijn gemaakt worden van rijst (sake) en honing (mede). Bloedwijn is wijn waaraan kunstmatig versterkende stoffen zijn toegevoegd, zoals ijzerverbindingen, calciumglycerofosfaat en ginseng.
Verder ook:
De twee belangrijkste wijnlanden van Zuid-Amerika zijn Chili en Argentinië. Daarnaast is Uruguay een sterk wijnland in opkomst.
Met wijnalcohol versterkte wijnen
Streekwijnen
Zie ook: Lijst van wijnen
Wein | نبيذ | Вино | Gwin | Vino | Vi | Víno | Vin | Wein | Κρασί | Wine | Vino | Vino | Vein | Ardo | شراب | Viini | Vin | Vin | יין | Vino | Bor | Vino | Anggur (minuman) | Vino | Vín | Vino | ワイン | 포도주 | Vinum | Wäin | Wien | Vynas | Вино | Wien | Vin | Vin | Wino | Vinho | Vin | Вино | Vinu | Wine | Víno | Vino | Vera (pije alkoolike) | Вино | Vin | ไวน์ | Şarap | Вино | Rượu vang | Wien | 葡萄酒