article

Een stof is giftig wanneer iemand na gebruik hierdoor schade ondervindt. Het kan zijn dat zo'n gebruiker zich misselijk voelt, jeuk krijgt of sterft.

Giftigheid is een betrekkelijk begrip: de hoeveelheid bepaalt of iets giftig is. Het eten van een bord keukenzout is dodelijk voor mensen, maar het is geen bezwaar om zout (met mate) over het eten te strooien.

De toxicologie, of leer van giftige stoffen, bestudeert de giftige eigenschappen van diverse stoffen.

Men onderscheidt twee soorten giftige werkingen:

Directe giftigheid of acute toxiciteit en giftigheid op lange termijn, de chronische toxiciteit.

Acute toxiciteit


De acute toxiciteit wordt uitgedrukt in de LD50, uitgedrukt in mg per kg lichaamsgewicht: de lethale (dodelijke) dosis waarbij 50 procent van de proefdieren sterft. De LD50 van bijvoorbeeld propoxur, een insecticide dat ook wel onder de merknaam Undeen verkocht wordt (scheikundige naam 2-(1-methylethoxy)fenyl-methylcarbamaat) is als volgt:
  • acuut LD50 oraal rat: 90-128 mg/kg l.g
  • acuut LD50 dermaal konijn 300-1000 mg/kg l.g.
De dermale giftigheid (via de huid) is lager dan de orale giftigheid (via de mond). Zou je deze getallen extrapoleren naar de mens, dan zou voor iemand van 70 kg een opname via de mond van ong. 70*100 mg = 7 gram dodelijk zijn (kans van 50 procent). Dat is iets meer dan een eetlepel.

Maar omdat elk dier anders reageert en de mens geen rat is, geven deze getallen alleen een indicatie voor de mate van giftigheid. Op verpakking van stoffen staat die giftigheid niet beschreven, wel staan er gevarentekens op:

  • Een doodskop betekent dat het middel erg giftig is. De LD50 is kleiner dan 50 mg/kg l.g.
  • Een andreaskruis betekent dat het middel schadelijk is. De LD50 ligt tussen de 50 en de 500 mg/kg l.g.

Chronische giftigheid


Giftigheid op de lange termijn of chronische toxiciteit is moeilijk vast te stellen in proeven. Van veel stoffen is dat dan ook niet bekend. Het kan zijn dat het gaat om effecten over tien jaar, dertig jaar of zelfs in de tweede of derde generatie.

Berucht was het middel 2,4,5 T, het ontbladeringsmiddel 'Agent Orange' dat in de Vietnam-oorlog gebruikt werd tegen de Vietcong. Dit middel bleek sterk mutageen te zijn: de kinderen die geboren werden nadat hun moeders met dit middel in aanraking waren geweest, vertoonden erfelijke afwijkingen. Softenon, een geneesmiddel dat in de zestiger jaren werd gebruikt bij zwangere moeders, had een zelfde effect.

Chronische effecten kunnen zijn:

Lastig van chronische effecten is dat er geen veilige dosis is, zoals bij acute giftigheid. Het gaat niet om de dosis, maar om de tijdsduur dat men er aan blootgesteld wordt. Chronische effecten treden daarom vooral op bij mensen die beroepshalve veel met zulke stoffen werken.

Wanneer bewezen is dat stoffen een chronisch effect hebben, kan hun gebruik worden verboden. Maar het is lastig aan te tonen.

Veilige concentratie


De concentratie van een stof waarbij het nog veilig is om ermee te werken, althans waarbij het risico aanvaardbaar is, heet de MAC-waarde.

Zie ook: Lijst van vergiften

Milieukunde | Toxicologie

Toxicita | Toxizität | Toxicity | Toksyczność | Toxicidade | Токсичност | Berusning

 

This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the "Giftigheid".

Home Pageartsbusinesscomputersgameshealthhospitalshomekids & teensnewsphysiciansrecreationreferenceregionalscienceshoppingsocietysportsworld