De term dialect kan op drie verschillende manieren worden gebruikt.
De volksaardige betekenis
In het dagelijks taalgebruik worden
variëteiten met een klein aantal sprekers vaak als dialect aangeduid, in het bijzonder wanneer ze verwant zijn met een
standaardtaal. Bepalend voor de 'mate' van dialectisch zijn van een variëteit gelden doorgaans sociale criteria als de mate van verschriftelijking, het sociale aanzien, de mate van politieke zelfstandigheid van het gebied waarin de variëteit wordt gesproken en de afwijkendheid van een standaardtaal. Deze volksaardige visie wordt vaak bespot met de uitspraak 'een taal is een dialect met een vloot en een leger'.
In de taalkunde wordt het begrip dialect in deze betekenis liever vermeden, omdat het gebruik ervan het wijdverbreide misverstand voedt dat er een natuurlijk verschil tussen 'hogere' variëteiten ('talen') en 'lagere' variëteiten ('dialecten') zou bestaan. De term die in de taalkunde voor variëteiten met een klein geografisch bereik wordt gehanteerd, is streektaal.
Als subvariëteit
Het begrip
dialect kan worden gebruikt om een
variëteit aan te duiden die enerzijds zoveel onderscheidende kenmerken heeft, dat ze als apart concept wordt beschouwd, anderzijds echter als variant van een grotere variëteit wordt beschouwd. In deze zin zijn het
Standaardnederlands, het
Standaardhoogduits, het
Limburgs, het
Fries en het
Berlijns allemaal dialecten van het
Westgermaans. Evenzo is het Westgermaans een dialect van het
Germaans, dat op zijn beurt een dialect uitmaakt van het
Indo-Europees. Anderzijds heeft het
Standaardnederlands veel dialecten of
streektalen, die meestal geen eigen naam hebben, maar worden gekarakteriseerd door regionale eigenaardigheden, zonder dat men ze buiten het Standaardnederlands wil rekenen. Deze regionale eigenaardigheden worden ten onrechte vaak als afwijkingen van een 'zuivere' uniforme standaard gezien, die evenwel nooit heeft bestaan. Vaak zijn zulke regionale verschijnsels afkomstig uit de
autochtone variëteit van een plaats of streek.
Als niet-gestandaardiseerde variëteit
Standaardtalen, zoals het
Standaardnederlands, het
Standaardfries en
Standaardzweeds zijn kunstmatige variëteiten, die (althans in Europa) vanaf de
17e eeuw, maar met name in de
19e eeuw zijn gevormd. Vaak fungeren ze als standaard voor een groot (meestal door nationale grenzen afgescheiden) gebied, waarin ook vaak verwante variëteiten worden gesproken, maar hebben lang niet alle verwante variëteiten binnen dat gebied elementen aan de standaardtaal geleverd. Zo is het Standaardnederlands gebouwd op de taal die gebruikt werd in de
Statenbijbel, een construct met
Frankische (Hollandse en Brabantse) en wat
Saksische elementen. Vanwege de grote overeenkomsten tussen de huidige streek- of plaatsgebonden variëteiten in
Holland en
Brabant zou men die onder de hierboven beschreven definitie 2. als dialecten van het Standaardnederlands kunnen beschouwen. Onder definitie 3. echter gelden alle vanouds in Nederland en Vlaanderen gesproken variëteiten dialecten van dat Standaardnederlands, met uitzondering van de
Friese en
Franse variëteiten in dat gebied, daar die zich naar andere standaardtalen richten (resp. het Standaardfries en het Standaardfrans). Soms spelen bij de bepaling van dialectstatus onder deze definitie geen taalkundige maar politieke factoren een rol. Zo wordt de variëteit van het in de provincie
Groningen gelegen dorp
Nieuweschans onder deze definitie een Nederlands dialect genoemd, terwijl het daarvan nauwelijks afwijkende dialect van buurdorp
Bunde, in het
Duitse Reiderland een
Duits dialect genoemd wordt.
Wanneer een streektaal naast een verwante standaardtaal gebruikt wordt, ontstaan er onvermijdelijk tussenvormen tussen het "zuivere" dialect en de standaardtaal. Men spreekt dan wel van het "zware", het "sterke" en het "lichte" dialect. In Italië, waar de streektalen nog zeer levendig zijn, wordt onderscheid gemaakt tussen "vernacolo" (de tot een enkel dorp of enkele stad beperkte streektaal) en "dialetto" (een tussenvorm, die over een ruimere regio gebruikt wordt).
Zie voor meer Nederlandse dialecten bij dialecten van de wereld.
Zie ook
Externe link
Streektaal en dialect | Deelgebied van taalkunde
Dialekt | Диалект | Rannyezh | Dialecte | Nářečí | Диалект | Dialekt | Dialekt | Dialect | Dialekto | Dialecto | Murre | Dialekto | Murre | Dialecte | Dialekt | Dialecto | ניב | Dijalekt | Dialektus | Dialek | Dialekto | Mállýska | Dialetto | 方言 | 방언 | Dialek | Dialect | Målføre | Dialekt | Dialekt | Dialeto | Dialect | Диалект | Dialect | Dijalekt | Dialect | Dialekt | Dialekti | Дијалект | Dialekt | Lehçe (dil bilimi) | Söyläm | Діалект | 方言