article

Zwemmer-in-zwembad.jpg

Zwemmen is een watersport waarbij de zwemmer zich door middel van arm- en beenbewegingen voortbeweegt in het water. Men onderscheidt recreatiezwemmen en wedstrijdzwemmen. Zwemmen wordt gezien als een zeer gezonde vorm van recreatie en lichaamsbeweging. De fysiotherapie maakt dankbaar gebruik van de eigenschappen van water voor het vergemakkelijken van therapeutische lichaamsoefeningen.

Zwemmen kan al op jonge leeftijd worden aangeleerd. Doorgaans is de motoriek van een kind rond het 6e of 7e levensjaar voldoende ontwikkeld. In Nederland is het schoolzwemmen, zwemles in schoolverband, veelal verplicht. Een leerling kan verschillende zwemdiploma's halen, waarbij naast een steeds langere afstand, nieuwe zwemslagen, duiken, onderwater zwemmen en zwemmend redden bijkomende onderdelen zijn. Nederland heeft hierdoor één van de hoogste percentages personen die kunnen zwemmen, waarbij dit op relatief jonge leeftijd wordt geleerd.

Training voor wedstrijdzwemmen wordt gegeven in zwemverenigingen. Een topzwemmer zal vaak al een jaar of tien trainen op techniek, snelheid, kracht en uithoudingsvermogen voordat internationaal goede resultaten worden behaald.

Zwemcultuur per land


Zwemmen in Nederland

In Nederland wordt het zwemmen bij de nationale sportkoepel NOC*NSF vertegenwoordigd door de KNZB, wie op zijn beurt weer vertegenwoordigd wordt door zgn. Kringen. (b.v. Kring Gelderland http://www.kringgelderlandzwemmen.nl ). Onder deze bond vallen alle zwemsporten. Bekende zwemverenigingen in Nederland zijn onder meer Aquarijn (Nieuwegein), AZ&PC (Amersfoort), De Dolfijn (Amsterdam), De IJsel (Deventer), DWK (Barneveld) en PSV (Eindhoven).

Op de golven van de euforie van de Nederlandse zwemsuccessen bij de Olympische Spelen van Sydney (2000) ontstaan drie profploegen: in Eindhoven de Philips-zwemploeg van trainer-coach Jacco Verhaeren en boegbeeld Pieter van den Hoogenband, Topzwemmen Amsterdam (TZA) onder leiding van trainer-coach Fedor Hes en het Topzwemmen West-Nederland (TWN) in Dordrecht van trainer-coach Dick Bergsma. Na de enigszins teleurstellend verlopen Olympische Spelen van Athene (2004) besluit de TZA-leiding het contract met Hes niet te verlengen, waarna deze zich met zijn zwemmers, onder wie Marleen Veldhuis en Thijs van Valkengoed, afsplitst en een eigen ploeg begint: Team Hes.

Zwemmen in België

In België is het succes van het zwemmen beperkt tot enkele uitschieters.

Zwemtechniek en -infrastructuur


Wedstrijdzwembaden

Zwemmen wordt beoefend in een 25-meter bad (kortebaan) en (voor grotere wedstrijden) een 50-meterbad (langebaan). Bij een zwemwedstrijd kunnen meestal acht deelnemers tegelijk starten. De banen zijn gescheiden door drijvende lijnen, of de nieuwe strak boven het water gespannen lijnen die speciaal zijn ontworpen voor zo min mogelijk golving in de andere banen. Werden vroeger start- en aankomsttijden met de hand geklokt, tegenwoordig worden deze tijden elektronisch gemeten door middel van sensoren, waarbij de thuisplaat moet worden aangetikt, hetzij met de hand of met een ander lichaamsdeel. Dit is afhankelijk van de gezwommen slag. Ook het correct nemen van het keerpunt kan door middel van sensoren en soms ook onderwatercamera's worden gecontroleerd.

Grondvormen van wedstrijdzwemmen

Bij het wedstrijdzwemmen komen de volgende grondvormen voor:

De gebruikelijke afstanden zijn: 50, 100 en 200 meter. Bij de vrije slag ook de 400 meter, 800 meter en 1500 meter. Daarnaast worden in Nederland bij het zogeheten 'openwater' ook langere afstanden gezwommen zoals twee, drie, vijf en tien kilometer. Internationaal worden er zelfs marathons gezwommen van 12 tot 88 km (stroomafwaarts).

Naast de reeds genoemde grondvormen, bestaan er diverse variaties:

  • Individuele wisselslag: 100, 200 en 400 meter, waarbij een kwart van de afstand in elk van de vier zwemtechnieken door dezelfde zwemmer wordt gezwommen. De volgorde bij individuele wisselslag is vlinderslag, rugcrawl, schoolslag, vrije slag. Waarbij de vrijeslag NIET een van de voorgaande slagen gezwommen mag worden. Dit wordt dan meestal gezwommen in borstcrawl.

  • Wisselslagestafette: 4x50, 4x100, 4x200 en 4x400 meter, waarbij vier zwemmers elk een kwart van de afstand met een andere zwemslag afleggen. De volgorde is rugcrawl, schoolslag, vlinderslag, borstcrawl.
Bij de wisselslagestafette is de volgorde van de slagen anders. Deze is namelijk rugslag, schoolslag, vlinderslag en om af te sluiten vrije slag.

Zwemkampioenschappen


Naast club- en districtskampioenschappen kent het wedstrijdzwemmen nationale, continentale en wereldkampioenschappen, zowel op de langebaan (50 meter) als de kortebaan (25 meter). Zwemmen is daarnaast een volwaardige Olympische sport, die sinds de allereerste editie (1896) op het Olympisch programma staat. Ook voor gehandicapten worden nationale, internationale en Olympische zwemkampioenschappen gehouden.

Belangrijkste internationale zwemtoernooien

Langebaan (50 meter)

Kortebaan (25 meter)

Internationale topzwemmers

Nationale en internationale zwemrecords

Limieten voor diverse kampioenschappen

Voor zo actueel mogelijke zwemtijden die gezwommen moeten worden voor bepaalde wedstrijden, zie:

Uit het zwemmen voortgekomen en aanverwante sporten


Zie ook




zwemmen | watersport | Olympische zomersport

سباحة | Плуване | Nofio | Svømning | Schwimmen | Swimming | Naĝado | Natación | Ujumine | شنا | Uinti | Natation | Natación | שחייה | Plivanje | Berenang | Sund (hreyfing) | Nuoto | 水泳 | 수영 | Natatio | Plaukimas | Pływanie | Natação | Плавание | Plivanje | Swimming | Пливање | Simning | سۇ ئۈزۈش | 游泳

 

This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the "Zwemmen".

Home Pageartsbusinesscomputersgameshealthhospitalshomekids & teensnewsphysiciansrecreationreferenceregionalscienceshoppingsocietysportsworld