Territoriale wateren (territoriale zone, territoriale zee) zijn de wateren grenzend aan een land tot een bepaalde afstand waarbinnen dit land zijn wetten zelf kan bepalen, en waarbij de rechtspraak in zijn bevoegdheid ligt.
Bijvoorbeeld: schepen uit een ander land kunnen niet gaan vissen in deze wateren zonder de toestemming van de kuststaat. Zeezenders kunnen slechts uitzenden vanuit de internationale wateren en zijn strafbaar wanneer dat plaatsheeft binnen de territoriale wateren.
Historisch
Het claimen van een territoriale zone langs de kust is een tamelijk recent verschijnsel in de geschiedenis. In oude tijden claimden staten hele zeeën als behorend tot hun territoir: zo spraken de
Romeinen over de
Middellandse Zee als
Mare Nostrum en nog in de
17e eeuw eigenden de
Britten zich de
Noordzee toe tot aan de Hollandse en Zeeuwse stranden. Tegen deze visie werd het recht van het vrije gebruik van de zee gezet. Niet geheel toevallig werd dit vooral in de
Republiek aangehangen met
Hugo de Groot als bekendste pleitbezorger. Uiteindelijk werd het vrije gebruik van de zee algemeen geaccepteerd en mochten kuststaten een smalle strook zee aan de kust als het hunne beschouwen.
Lange tijd gold de zogenaamde kanonschotregel als begrenzing voor de territoriale wateren. In de praktijk kwam dat neer op een zone van ca. 3 zeemijlen. Na de Tweede Wereldoorlog zijn steeds meer landen grotere zones gaan claimen tot wel 200 zeemijlen uit de kust. Geen van de grote zeevarende landen, zoals het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, erkenden echter die claims. Berucht is nog de kabeljauwoorlog tussen Engeland en IJsland in het begin van de jaren zeventig van de vorige eeuw, die voortkwam uit een dispuut tussen beide landen over het vissen in de nabijheid van IJsland.
In het moderne zeerecht
Sinds de jaren tachtig van de
20e eeuw geldt het nieuwe zeerechtverdrag van de
Verenigde Naties. De maximale territoriale zone bedraagt nu 12 zeemijlen (22,224 kilometer), gerekend vanaf de laagwaterlijn. Elk land is vrij een smallere zone te claimen. Ter compromis heeft men tevens afspraken gemaakt over een
aansluitende zone met beperkte rechten (tot maximaal 24 zeemijlen uit de kust) en een
economische zone (tot 200 mijl). Het scheepvaartverkeer is daar vrij, als bevond zij zich in internationale wateren, maar de kuststaat heeft het recht op de bodemrijkdom.
Verder erkent het verdrag een aantal
historische baaien en
archipel wateren. Zo kan
Canada de
Hudsonbaai tot zijn territorium rekenen en behoort de zee rond de
Shetlandeilanden tot Brits gebied.
De Verenigde Staten hebben het verdrag niet geratificeerd, maar erkennen in de praktijk wel de meeste bepalingen daaruit.
Beperking: recht van vrije doorgang
De rechtsmacht van een kuststaat voorkomt niet dat een schip de toegang, c.q. het gebruik, van de territoriale wateren ontzegt kan worden: elk schip heeft namelijk het recht van vrije doorgang. Gebruikmaking van dat recht voorkomt niet dat een schip zich dan dient te voegen naar de bepalingen van de kuststaat: zo zal het lozen van olie, als gevolg van het reinigen van de olietanks, verboden zijn.
Dit is anders als bij de rechtsmacht die een staat heeft over haar luchtruim. Die is wel absoluut en niet ingeperkt door een recht van vrije doorgang.
Hoge Zee
De wateren voorbij de territoriale zone worden aangeduid met internationale wateren of
hoge zee (
High Sea). Begonnen die ooit voorbij de driemijlszone uit de kust, thans kan dat pas tot voorbij 200 mijl zijn.
Oppervlaktewater | Grens | Internationaal recht | Recht
Territorialfarvand | Hoheitsgewässer | Territorial waters | Mar territorial | Mer territoriale | מים טריטוריאליים | Landhelgi | Территориальные воды | Territorialvatten | Lãnh hải | 领海