Een staatsbezoek is een diplomatiek, ceremonieel bezoek van een regerend staatshoofd aan een bevriend land.
Een staatsbezoek onderscheidt zich van een officieel bezoek omdat bij een staatsbezoek ook de hoofdstad wordt bezocht.
Staatsbezoeken worden door de betrokken regeringen altijd op voorhand aangekondigd. In constitutionele monarchieën en in de meeste republieken is dan ook de toestemming van de ministerraad nodig. Meestal duurt een staatsbezoek twee of drie dagen, de eerste dag kent meestal een ceremonieel verloop, met een kranslegging en het inspecteren van een erewacht. Bij staatsbezoeken tussen koninkrijken draaien deze ontmoetingen altijd meer op familiereünies uit, er wordt dan vaak gepronkt met oude familietraditie's.
Een staatsbezoek is een nationale zaak, en wordt geregeld door het hof of de presidentieele staf en de ministerie's van binnenlandse en buitenlandse zaken. Er geldt bij deze bezoeken meestal staatsprotocol, dit wordt geregeld door de protocolchef binnenlanse zaken; dit is niet altijd hezelfde als hofprotocol in de verschillende koninkrijken . De volledige factuur van een staatsbezoek wordt naar de regering gestuurd, het staatshoofd zelf behoeft hiervoor geen beroep te doen op de civiele lijst.
Uiteraard is zo'n bezoek meer dan alleen cadeaus uitdelen, er moet ook op diplomatiek vlak worden gewerkt. Gevoelige materies zoals mensenrechten komen, zonodig, ook aan bod. De staatshoofden zelf werken vervolgens een druk politiek, diplomatiek programma af samen met hun delegaties en gevolg. De echtgenote van het staatshoofd krijgt meestal een programa vol humane en ethische onderwerpen voorgeschoteld.
Het staatsbezoek zoals wij dat nu kennen is vooral een verworvenheid van de 19e eeuw. In de daaraan voorafgaande eeuwen was het zeldzaam dat vorsten elkaar, behalve op het slagveld, ontmoetten. De ontmoetingen tussen Frans de eerste van Frankrijk en Hendrik VIII van Engeland op het " Veld van goud" buiten Boulogne was een vroeg voorbeeld van een vrienschappelijk bezoek van een vorst aan een collega. De bezoeken van Peter de Grote aan Nederland, Engeland, Frankrijk en een aantal Duitse staten en dat van Keizer Frans II aan zijn zwager Lodewijk XVI waren geen staatsbezoeken. De keizers reisden incognito. De reden daarvoor was onder andere dat in die door vormen en kostbare en vermoeiende plichtgevingen beheersde tijd een bezoek door een monarch vrijwel onoverkomelijke protocolaire problemen opleverde. De nadruk lag bij het verkeer tussen staten dan ook eeuwenlang bij de bezoeken van ambassadeurs die een enorme statie voerden. In de Napoleontische tijd hebben veel Europese vorsten elkaar ontmoet, dat gebeurde dan onder andere bij het congres van vorsten in Erfurt waar drie keizers en meerdere koningen aanwezig waren. Na de slag bij Waterloo bezocht de Tsaar Londen en Wenen. De Europese vorsten bleven elkaar in de 19e eeuw steeds vaker bezoeken. De aanleg van de spoorwegen die de reistijd tussen hoofdsteden terugbrachten van weken of dagen naar uren maakte het geriefelijk en snel reizen mogelijk. De eerste staatsbezoeken in moderne zin waren het bezoek van Koningin Victoria en Prins Albert aan Lodewijk Philips in Parijs (1840) en het contrabezoek van deze vorst en dat van Keizer Napoleon III aan Londen. Deze bezoeken hadden alle kenmerken van het traditionele staatsbezoek: de rijtoer, de militaire parade, de diners en de uitwisseling van geschenken en orden. In de laatste jaren van de 19e eeuw werd het staatsbezoek een vaste routine voor regeringshoofden. Een zeer de aandacht trekkende rondreis door Europa was de reis van de Sjah van Perzië, Naser ed-Din Kadjar, die onder andere Engeland, Nederland en Frankrijk bezocht en in dat laatste land zelfs werd getracteerd op een demonstratie van de guillotine. De oude koningin Victoria ontving, omdat zij weduwe was, nauwelijks officiële gasten, maar de Duitse keizer was uiterst reislustig en bezocht onder andere Nederland. In de eerste jaren van de 20e eeuw kreeg het staatsbezoek zoals we dat nu kennen, waarbij het in dienstjaren jongere staatshoofd zijn of haar oudere collegae bezoekt en deze voor een bezoek uitnodigt en het protocol werd vastgelegd,een vaste vorm.
In de jaren voor de eerste wereldoorlog werden de staatsbezoeken gebruikt om diplomatieke en militaire banden aan te knopen. Het bezoek van de Engelse koning Eduard VII aan Parijs en het bezoek van de Franse president Poincaré aan Sint Petersburg waren duidelijke manifestaties van de verbondenheid van Groot Brittanië, Frankrijk en Rusland. De Duitse keizer was op zijn beurt niet welkom in Parijs. Na de tweede wereldoorlog stonden staatsbezoeken vaak in het teken van de verzoening tussen landen en bij latere bezoeken werd ook het bevorderen van handel een duidelijk oogmerk van het bezoek. Nederland werd in de jaren van de regering van Koningin Wilhelmina diplomatiek wat verwaarloosd. Wilhelmina hield niet van staatsbezoeken en bezocht zelf alleen Frankrijk en, vlak voordat de tweede wereldoorlog uitbrak, zeer demonstratief het eveneens neutrale België. Koningin Juliana ontving en maakte ieder jaar meerdere staatsbezoeken. Opvallend waren het bezoek van Bondspresident Heinemann, als eerste Duitse staatshoofd die na de tweede wereldoorlog de goede betrekkingen kwam herstellen en het door veel rellen en kritiek geplaagde bezoek van de Shoa keizer, Hirohito, van Japan. Koning Boudewijn en Koning Albert legden beiden diverse staatsbezoeken af en zij ontvingen ook een aantal buitenlandse staathoofden. De Britse koningin maakte er een gewoonte van om in principe ieder land slechts éénmaal in het kader van een staatsbezoek te bezoeken. Nu haar regeringsperiode meer dan vijf decenia omspant heeft zij van deze gewoonte af moeten zien en heeft zij sommige landen al meerdere malen vereerd met een bezoek.
This article is licensed under the GNU Free Documentation License.
It uses material from the
"Staatsbezoek".
Home Page • arts • business • computers • games • health • hospitals • home • kids & teens • news • physicians • recreation• reference • regional • science • shopping • society • sports • world