De NMBS is de enige aanbieder van personenvervoer per trein in België. De goederenafdeling, B-Cargo, moet wel enige concurrentie dulden: Dillen en Lejeune Cargo exploiteert een private commerciële verbinding tussen Duitsland en de Antwerpse haven, en er zijn privémaatschappijen actief op bedrijfsterreinen.
Het jonge België was in zijn ontwikkeling geremd door de blokkade van de Antwerpse Haven. Het industriebekken tussen Charleroi en Luik, waar alle zware industrie, machinebouw en mijnbouw geconcentreerd waren had uitwegen nodig. De erg anglofiele koning Leopold I had Stephenson in Engeland ontmoet. Hij was onder de indruk van de industriële revolutie en de eerste stoomtreinen. Hij wendde al zijn invloed aan om ook hier spoorwegen te bouwen en kreeg snel de steun van de Antwerpse Haven en de Waalse industriesteden.
Een IJzeren Rijn en een kanaal (het latere Albertkanaal) moesten Antwerpen met het Ruhrgebied verbinden, dat werd een probleem (tot op vandaag) toen Maastricht en Nederlands Limburg door het Verdrag van London in 1839 aan Nederland toegewezen werden. De bloeiende staal- en mijnindustrie uit het Samber-Maasbekken had uitwegen en arbeiders nodig.
Op 1 mei 1834 werd de wet tot het oprichten van een nationaal spoorwegennet uitgevaardigd; daarin besliste de staat een net van ongeveer 400 km aan te leggen. Op 5 mei 1835 werd de eerste spoorlijn op het Europese vasteland, tussen Brussel en Mechelen, ingewijd. Het was de eerste spoorlijn die commercieel gebruikt werd. Negen jaar later waren de noord-zuid- en oost-westspoorlijnen klaar.
In 1843 werd besloten privé-investeerders te zoeken om het spoornet uit te breiden, en in 1870 omvatte het nationaal spoorwegnet ongeveer 860 km, terwijl de privébedrijven circa 2300 km spoorlijn uitbaatten. De meeste sporen in privéhanden werden genationaliseerd tussen 1870 en 1912. Daarna bezat de Belgische staat zo'n 5000 km spoor, een kleine 300 km waren nog privé.
De opkomst van het socialisme baarde de Vlaamse clerus en het patronaat erge zorgen. Om het Vlaamse werkvolk dat massaal naar het 'rode' Wallonië trok onder controle te houden werden onder meer de lijnen Geraardsbergen – Lessen (Lessines) – Mons, Tienen – Charleroi en Tongeren – Herstal – Luik opgericht. Zo konden ze elke avond veilig terug naar de vertrouwde kerktoren ver van de slechte invloeden. De meeste van die steenkoollijnen zijn nu afgeschaft en worden omgebouwd tot fiets- en wandelpaden van het netwerk RAVeL.
In 1870 begon de Luikse bankierszoon Georges Nagelmaekers, zijn eerste luxe slaaptreinen te bouwen. In 1876 richtte hij de Compagnie Internationale des Wagons-Lits op die met zijn typische blauwe rijtuigen een eeuw lang heel Europa doorkruist hebben. De bekendste lijn was de Oriënt-Express. De spoorwegen hebben enorm bijgedragen tot de ontwikkeling van de mondaine badsteden Spa en Oostende die in de Belle Epoque rechtstreeks verbonden waren met de belangrijkste Europese hoofdsteden.
België was lange tijd een van de wereldproducenten van spoorwegmateriaal en voerde zijn kennis uit naar alle hoeken van de wereld. Naast Nagelmaekers waren er ondermeer ACEC in Charleroi en La Brugeoise et Nivelles in de gelijknamige steden. Van die oude glorie blijft door de desinvestering in de jaren 60 en mondialisering niet veel meer over.
Men wilde in Brussel een noord-zuidverbinding door een tunnel. Daar was het uiteraard onmogelijk stoomtreinen te gebruiken. Dit luidde de overgang naar elektrisch aangedreven treinstellen in. Er werd gekozen voor een gelijkstroomsysteem van 3000 volt, waarvoor ook in Italië, Spanje en sommige landen van Oost-Europa was gekozen (zie *). De eerste elektrische lijn, van Brussel-Noord naar Antwerpen-Centraal, werd in 1935 in gebruik genomen. Deze lijn was een succes, men besliste de elektrische lijnen uit te breiden.
Langzaamaan werden vele spoorlijnen geëlektrificeerd. In 1962 had men al 1000 km van bovenleiding voorzien. Vandaag de dag is het grootste deel van het net geëlektrificeerd, op enkele stukken in onder meer Wallonië en Limburg na. Tegenwoordig is men de laatste spoorlijnen aan het elektrificeren vanwege het grotere aangeboden reizigerscomfort.
De NMBS elektrificeert haar spoorlijnen nu met 25.000 volt wisselspanning (50 hertz). De hogesnelheidslijnen in België (Brussel – Rijsel en Leuven – Luik) maar ook de internationale lijn Luik – Luxemburg en de Athus – Meuselijn hebben dat al.
Qua abonnementen (zoals treinkaart, schooltreinkaart, nettreinkaart en Campus) en meerrittenkaarten (zoals RailPass, Go Pass, en KeyCard) is er een ruim en niet altijd duidelijk aanbod. In 2005 heeft de NMBS een en ander vereenvoudigd.
Treinkaartjes kunnen in het station gekocht worden (zowel aan het loket als aan de automaten), maar ook via het internet of bij de treinbegeleider (maar met € 2,50 toeslag als de loketten van het station open zijn).
Spoorwegen in België | Belgische spoorwegmaatschappij
Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen/Société Nationale des Chemins de fer Belges | NMBS/SNCB | Société nationale des chemins de fer belges | SNCB/NMBS | NMBS/SNCB
This article is licensed under the GNU Free Documentation License.
It uses material from the
"Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen".
Home Page • arts • business • computers • games • health • hospitals • home • kids & teens • news • physicians • recreation• reference • regional • science • shopping • society • sports • world