De rechten van de mens omvatten alle rechten waar een individu, een groep mensen of een staat aanspraak op kan maken. Voorbeelden zijn het recht op vrije meningsuiting, het recht op leven en het recht op soevereiniteit. Een precieze definitie is echter lastig te geven, omdat er talloze visies op mensenrechten bestaan: een allesomvattend doctrine bestaat niet.
Deze ordening is niet sluitend, omdat mensenrechten veelal tot meerdere categorieën behoren. Het recht op leven bijvoorbeeld is zowel een individueel grondrecht (niemand mag zonder reden gedood worden), als een collectief recht: iedere etnische groep heeft het recht geen slachtoffer van genocide te worden, zoals de joden tijdens de Holocaust overkwam.
Mensenrechten zijn op sommige punten inherent tegenstrijdig. Er is bijvoorbeeld een spanningsveld tussen openbaarheid van rechtspraak en privacy. Soms worden de rechten van het collectief (de samenleving) belangrijker beoordeeld dan dat van één individu.
Tot slot kunnen mensenrechten actief of passief zijn. Het recht op vrije meningsuiting is eenvoudig te bereiken, omdat de overheid niet hoeft op te treden, maar juist moet afzien van censuur en het opsluiten van politieke tegenstanders. De eerste generatie mensenrechten bestaat dus hoofdzakelijk uit passieve rechten. Sociaal-economische rechten daarentegen vereisen wel staatsingrijpen. Het recht op scholing bijvoorbeeld kan slechts dankzij schoolgebouwen, leerboeken en gekwalificeerde leraren bereikt worden.
In de Middeleeuwen onderkende men in Europa het begrip natuurrecht of Lex Naturae: door God gegeven universele en morele waarden, waarop alle denkbare rechten zijn gebaseerd. Alhoewel theoretici nadachten over mensenrechten, bleef toepassing in de praktijk uit. In het dagelijks leven stonden verplichtingen en gehoorzaamheid voorop. De horige was gebonden aan zijn landheer, de landheer aan zijn vorst en iedere burger aan God en de Kerk. Plicht prevaleerde boven recht.
De Engelse rechtsfilosoof John Locke formuleerde een set aan basisbeginselen dat exemplarisch was voor het nieuwe denken.
Gedurende de 19e eeuw werd eveneens vooruitgang geboekt. De afschaffing van de slavenhandel en het tekenen van de eerste Geneefse conventie inzake oorlogsrecht waren de grootste mijlpalen. Na de Eerste Wereldoorlog werd de Volkenbond opgericht, maar het beschermen van mensenrechten bleef al dien tijd een nationale zaak.
Pas na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog vond internationalisering van de mensenrechten plaats. De oprichting van de Verenigde Naties met als doel de wereldvrede te handhaven werd al gauw gevolgd door de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) in 1948. Deze werd eerst geconcretiseerd in het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten, waarin vooral burgerlijk-politieke rechten werden verankerd. Later werd daar het Internationaal verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten aan toegevoegd. Naast de Universele Verklaring is er ook nog een Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). De naleving hiervan wordt bewaakt door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. In aanvulling op de UVRM werd in 1989 nog het Verdrag inzake de Rechten van het Kind ondertekend.
Het aanpakken van schendingen op internationaal niveau is echter lastig, omdat conflicten tussen staten dreigen. Tijdens de Koude Oorlog bijvoorbeeld veroordeelde het Westen regelmatig de onderdrukking van de burgers in het Oostblok, maar kwam zelden in actie uit angst voor escalatie. Behalve diplomatieke druk kunnen staten of de Verenigde Naties een humanitaire interventie plegen: gewapend ingrijpen in een ander land om grove schendingen aldaar te beëindigen. Recent voorbeelden zijn de interventies in Somalië en Kosovo.
Het afdwingen van sociaal-economische rechten veroorzaakt ook problemen. Het is lastig om iedere wereldburger van eten, een baan en een dak boven het hoofd te voorzien, ondanks hulp van NGO’s. Dictaturen kunnen sociaal-economische rechten bovendien als excuus gebruiken om grondrechten op te schorten: vrijheid van meningsuiting kun je niet eten, brood wel, redeneren ze.
Tot slot houden mensenrechtenorganisaties zich dagelijks bezig met het bewaken van de door de VN-lidstaten aanvaarde (en vaak in nadere wetgeving vastgelegde) mensenrechten. Amnesty International, Human Rights Watch en het Rode Kruis zijn enkele voorbeelden.
حقوق الإنسان | Drets humans | Lidská práva | Menneskerettighederne | Menschenrechte | Human rights | Derechos humanos | Luonnonoikeusteoria | Droits de l'Homme | זכויות האדם | Hak Asasi Manusia | Mannréttindi | Diritti umani | 人権 | 인권 | Žmogaus teisės | Cilvēktiesības | Menneskerettigheter | Prawa człowieka | Direitos humanos | Права человека | Human rights | Ľudské práva | De mänskliga rättigheterna | İnsan hakları | สิทธิมนุษยชน | Права людини | 人权 | Jîn-kôan
This article is licensed under the GNU Free Documentation License.
It uses material from the
"Rechten van de Mens".
Home Page • arts • business • computers • games • health • hospitals • home • kids & teens • news • physicians • recreation• reference • regional • science • shopping • society • sports • world