noorse_radio_kl.jpg
Radio is draadloze telefonie en telegrafie, maar de betekenis is ruimer dan dat alleen. Het woord radio wordt eveneens gebruikt als afkorting voor radio-omroep, radio-ontvanger en zend- en ontvangapparatuur. Technisch gezien is radio een techniek om met radiogolven draadloos boodschappen over te brengen van zender naar ontvanger.
Werking van de radio
Een belangrijk onderdeel van een radiozender is de
oscillator. Deze genereert het radiofrequente signaal dat als
draaggolf dienst doet en na
modulatie door een
antenne uitgestraald kan worden. Om
geluid over te zenden wordt het geluid door middel van een
microfoon eerst omgezet in een
elektrisch signaal, waarmee het opgewekte oscillatorsignaal
gemoduleerd (veranderd) wordt. De meest voorkomende vormen van modulatie zijn
amplitudemodulatie (AM) en
frequentiemodulatie (FM).
Aan de ontvangstzijde wordt het uitgezonden signaal door de ontvangstantenne opgevangen en doorgegeven aan de ontvanger. Eerst waren dit
kristalontvangers die het geluid met behulp van een
hoofdtelefoon hoorbaar maakten. Na de uitvinding van de
elektronenbuis (kortweg "buis" en in de volksmond "lamp" genoemd) werden de ontvangers beter van kwaliteit en werd het geluid door een
luidspreker weergegeven.
Technische geschiedenis
In
1895 lukt het
Guglielmo Marconi (1874-1937) als eerste een radioverbinding van enkele kilometers te maken met een zelfgemaakte
zender en
ontvanger. Ongeveer tegelijkertijd doet
Alexander Stepanovitch Popov hetzelfde. Beiden bouwden voort op het werk van
Heinrich Hertz, die in
1887 ontdekte hoe elektromagnetische radiogolven konden worden opgewekt en terug ontvangen.
In Italië werd zijn werk niet op prijs gesteld en daarom ging hij maar naar Engeland. Daar wist hij grotere afstanden te overbruggen en kon hij in 1901 een bericht over de Atlantische Oceaan sturen.
Er kan echter niet gesteld worden dat een van bovengenoemden de uitvinder van de radio is. Daarvoor zijn zowel een zender als een ontvanger nodig, en deze bestaan elk weer uit verschillende onderdelen die ieder een eigen ontwikkeling hebben doorgemaakt. De antenne, een belangrijk onderdeel, is echter wel een uitvinding van Marconi.
In enkele jaren tijd worden onder leiding van Marconi steeds grotere afstanden overbrugd:
- 1899 Eerste radioverbinding over het Kanaal tussen Engeland en Frankrijk.
- 1901 Eerste trans-Atlantische radioverbinding tussen Groot-Brittannië en Newfoundland.
In het begin werd radio alleen gebruikt als middel om
morsesignalen uit te zenden. Door de uitvinding van de
elektronenbuis in
1906 werd het mogelijk werkelijke
geluiden uit te zenden. Berichten konden nu rechtstreeks ingesproken worden en hoefden niet meer in morsecode vertaald te worden.
Na de uitvinding van de
transistor in 1947 werd het mogelijk veel kleinere ontvangers te bouwen, die tevens minder energie nodig hebben om te kunnen werken.
AM en FM
De eerstgebruikte manier om geluidsoverdracht te realiseren was door de
amplitude van de draaggolf te laten variëren, evenredig met het over te dragen geluidssignaal. Deze modulatievorm heet
amplitudemodulatie, kortweg AM.
Armstrong ontdekte een andere manier om de draaggolf te moduleren: door niet de amplitude, maar de frequentie van de draaggolf van het radiosignaal te variëren, ontstaat een modulatievorm die veel minder gevoelig is voor storingen.
Frequentiemodulatie of FM wordt tegenwoordig toegepast om
Hi-Fi-geluid te kunnen ontvangen.
Van analoog naar digitaal
Tegenwoordig is de veelbelovende
digitale radio aan een opmars begonnen.
Via internet is het mogelijk naar internetradio te luisteren. Daarbij wordt niet van radiogolven gebruik gemaakt, maar van de internetverbindingen tussen de computers die digitale gegevens naar elkaar sturen. Die internetverbindingen kunnen draadloos zijn, en dus wel weer gebruikmaken van radiogolven!
Het elektromagnetisch spectrum
Radiospectrum.png
Hiernaast is een grafische voorstelling van het
elektromagnetisch spectrum.
Radiogolven worden vooralsnog toegepast in de band vanaf VLF (Very Low frequency) tot aan
EHF (radiospectrum) (Extreme High Frequency). Standaardradioverkeer zit voor het overgrote deel in de band 30 kHz (wereldomroepen) t/m 300 GHz (satellietverbindingen).
De overige afkortingen zijn, van boven naar beneden: Gamma, High X-ray (Röntgenstraling), Super X-ray, Extreme Ultra Violet (ultraviolet), Normal Violet, Normal Infra-red (infrarood), Medium Infra-red, Far Infra-red, Extreme High Frequency, Super High Frequency, Ultra High Frequency, Very High Frequency, High Frequency (korte golf), Medium Frequency (middengolf), Low Frequency (lange golf), Very Low Frequency, VF en Extreme Low Frequency.
Zie: "Radiogolf" voor een meer uitgebreide beschrijving
Gebruiksontwikkeling
De eerste radioverbindingen waren bedoeld voor draadloze
telegrafie tussen kuststations (in Nederland
Scheveningen Radio) en
schepen op zee. Hiervoor werd het
morse-alfabet gebruikt. Later werd voor korte verbindingen met vissersschepen telefonie in gebruik genomen.
In 1919 kwam de eerste omroepzender ter wereld in de lucht in Den Haag. Het was de zender met de roepletters PCGG van Hanso Schotanus à Steringa Idzerda.
Door de ontwikkeling van de luchtvaart kwam rond de Eerste Wereldoorlog het radioverkeer tussen vliegtuigen en grondstations in gebruik.
In 1933 werd de eerste Europese auto aangeboden voorzien van een autoradio als optie.
Rond 1935 werden in Engeland de eerste proefuitzendingen met beeld gehouden, de geboorte van de televisie.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden voor militaire doeleinden steeds meer toepassingen met radiosignalen ontwikkeld en in gebruik genomen, zoals radar, radionavigatie, bakenzenders en tijdzenders.
Zie ook
Externe links
Radio | Radiotechniek | Geluidsapparatuur
Радио | বেতার | Skingomz | Ràdio | Radio | Radio | Radio | Radio | Radiofonio | Radio (medio de comunicación) | Radio | Radioélectricité | Raidió | רדיו | रेडियो | Radio | Radio | Radio (elettronica) | ラジオ | Radhio | Radijas | Radio | Radio | Rádio (comunicação) | Radio | Радио | Radio | Radio | Радио | Radio | வானொலி | Radyo | Radyo | Radio | 无线电