Het Réseau Express Régional (RER) is letterlijk een "regionaal expresnetwerk". De naam wordt gebruikt voor het netwerk van regionale treinen dat het centrum van Parijs verbindt met de buitenwijken, enigszins te vergelijken met de S-Bahn in Duitsland.
Omdat de metro van Parijs niet ver in de buitenwijken doordringt en de voorstadstreinen op kopstations net buiten het centrum eindigden, was er behoefte aan een sneller vervoermiddel vanuit het centrum naar de voorsteden.
Het RER-netwerk ontstond door verschillende bestaande voorstadslijnen aan elkaar te koppelen door een ondergronds traject door het centrum te bouwen. In de stad fungeert het als een soort snelmetro: de afstanden tussen de stations zijn veel groter dan bij de reguliere metro. De stations zijn vaak zeer groot, vooral het station Châtelet-Les Halles.
Ter hoogte van de grote kopstations van de stad komt de lijn boven de grond en sluit hij aan op het voorstadsnet van Parijs. De treinen rijden vanaf dat punt verder gemengd met "normale" voorstadstreinen.
De exploitatie gebeurt gezamenlijk door:
- Transilien, een afdeling van het staatsspoorbedrijf SNCF die het voorstadsverkeer rond Parijs exploiteert
- RATP, het stadsvervoerbedrijf van Parijs
Deze twee bedrijven kennen ook een gezamenlijk tariefsysteem: RER-kaartjes zijn ook geldig op overige voorstadstreinen en op de metro.
Lijnen
Vandaag de dag kent de RER vijf lijnen:
Exploitatie RATP/SNCF. Deze lijn ontstond in
1961 door een voorstadslijn aan de westzijde van de stad ondergronds door te trekken in het centrum. Deze voorstadslijn was tot dan toe een soort eilandlijn, die niet in een van de grote kopstations van de stad eindigde. Later is lijn A doorgetrokken naar Gare de Lyon, waar aangesloten werd op de oostelijke voorstadslijnen van de stad. Ook is een geheel nieuwe tak naar
Marne-la-Vallée en
Disneyland Parijs aangelegd. Daar is ook een overstap mogelijk naar de
TGV en
Thalys.
Exploitatie RATP/SNCF. Deze lijn ontstond door werderom een aparte voorstadslijn, de
ligne de Sceaux, vanaf het voormalige eindpunt Luxembourg (aan de zuidkant van de stad) door te trekken door het centrum. De lijn werd aan de noordzijde bij Gare du Nord aangesloten op het voorstadsnet.
Exploitatie SNCF. Bij deze lijn werden de lijnen die eindigden bij het voormalige Gare d'Orsay (het huidige
Musée d'Orsay) langs / onder de kade van de
Seine door te trekken naar Invalides en verder naar onder andere
Versailles en
Pontoise.
Exploitatie SNCF. Deze lijn verbindt Gare de Lyon met Gare du Nord en loopt in het centrum geheel parallel aan lijn A en B.
Exploitatie SNCF. De nieuwste lijn van het netwerk werd onder de naam Éole gebouwd. De lijn verbindt twee voorstadslijnen die voorheen eindigden in het Gare de l'Est via Magenta (bij Gare du Nord) met het Gare Saint-Lazare, waar de lijn (voorlopig nog) eindigt.
Materieel
Het materieel op de SNCF-lijnen C, D en E verschilt niet van dat op andere voorstadslijnen en is voornamelijk dubbeldeks. De RATP gebruikt voor haar lijnen A en B eigen treinen, die uitsluitend enkeldeks zijn. De voeding geschiedt op alle lijnen door middel van een bovenleiding. De treinen van de RER rijden links.
In België is
Réseau Express Régional de Franse naam van het geplande
Gewestelijk ExpresNet (GEN) rondom Brussel.
Franse spoorwegmaatschappij | Vervoer in Frankrijk | Parijs | RER | RER | RER