article

Een pijnstiller of analgeticum is een medicijn om pijn te verzachten.

Wanneer pijn ontstaat, maakt het lichaam het hormoon endorfine aan. Bij de zenuwuiteinden waar de pijn ontstaat, komen dan meer chemische stoffen vrij dan gebruikelijk, waaronder prostaglandinen. Deze stof zorgt ervoor dat de zenuwuiteinden nog gevoeliger worden. Pijnstillers gaan de productie van prostaglandinen tegen, zodat de pijn vermindert.

In 1990 keurde de Wereldgezondheidsorganisatie een pijnbestrijdingsschema goed - de zogeheten analgesic ladder - waarin de stapsgewijze introductie van steeds sterkere pijnbestrijdingsmiddelen wordt beschreven. Het schema werd aanvankelijk opgesteld voor pijnmanagement bij kanker, maar vindt inmiddels toepassing in alle medische disciplines waaronder heelkunde en anesthesie.

  1. start met paracetamol (500 mg tot 1000-mg iedere 4–6 uur);
  2. toevoeging van een NSAID (bijvoorbeeld ibuprofen) of een zwak opiaat (zoals codeïne);
  3. toevoeging van sterke opiaten zoals morfine, oxycodon en fentanyl. Als codeïne werd gebruikt in het voorgaande stap, dan vervangt het sterke opiaat de gebruikte codeïne.

Andere pijnstillers zijn onder meer: aspirine, diclofenac, tramadol

Geneesmiddel

Analgèsic | Analgetikum | Analgesic | Analgésico | Analgésique | Analgesik | Analgésico | Analgetika | ยาบรรเทาปวด | Analjezik | Анальгетики

 

This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the "Pijnstiller".

Home Pageartsbusinesscomputersgameshealthhospitalshomekids & teensnewsphysiciansrecreationreferenceregionalscienceshoppingsocietysportsworld