De pecannoot (Carya illinoensis) is een bladverliezende, tot 55 m hoge boom. De bladeren zijn afwisselend geplaatst, oneven geveerd en 30 – 50 cm lang. De deelblaadjes zijn eivormig-lancetvormig, 10 – 20 cm lang en aan de randen gezaagd. De geliggroene bloemen groeien in tot 12 cm lange bloeiwijzen.
De vruchten zijn langwerpig-ovale tot cilindrische nootvruchten. De schil is roodbruin van kleur en bezet met donkerbruine strepen. Het zaad is net als bij de walnoot sterk gegroefd. Het heeft een zoetig tot nootachtige smaak. De zaden bevatten tot 75% vet en circa 10% eiwit.
De zaden van de noot worden rauw gegeten. Ook worden ze vaak geroosterd en gezouten aangeboden en voor de garnering van gebak, zoetwaren en ijs gebruikt. De olie die uit de vruchten kan worden gewonnen is eetbaar, maar wordt overwegend in de cosmetica-industrie gebruikt. Het wordt gebruikt voor de productie van kleurstoffen en zeep. Het hout van de boom is hard en wordt voor de fabricage van parket gebruikt. Qua belang ligt de pecannoot voor het gebruik als hardhout in de Verenigde Staten direct onder walnoten- en kersenhout. Omdat de plant een diep wortelsysteem heeft wordt de boom ook aangeplant om erosie tegen te gaan.
De pecannoot is inheems in het zuiden van de Verenigde Staten. Hij wordt in gebieden met een subtopisch of warm gematigd klimaat aangeplant. Hoofdproducent van de pecannoten zijn de Verenigde Staten die jaarlijks rond de 100.000 ton produceren.
This article is licensed under the GNU Free Documentation License.
It uses material from the
"Pecannoot".
Home Page • arts • business • computers • games • health • hospitals • home • kids & teens • news • physicians • recreation• reference • regional • science • shopping • society • sports • world