Moesia was de naam de de Romeinen gaven aan een van hun provincies.
Grofweg komt de antieke provincie Moesia overeen met het moderne Servië en Bulgarije.
Oorspronkelijk was Moesia één provincie, onder het bestuur van een keizerlijk consulaat (de keizer mocht de gouverneur dus kiezen). Het is zeer waarschijnlijk dat deze man tevens de proconsul van Achaea en Macedonia was. Domitianus verdeelde (rond 90) het langgerekte Moesia in twee delen: Moesia superior (soms wel Opper-Moesia genoemd) en Moesia inferior (Neder-Moesia), waarbij superior in het westen en inferior in het oosten lag (Moesia inferior heeft nog een ander bekende (bij)naam: Ripa Thracia, naar de inwoners van het gebied. De meeste historici plaatsen de scheidingslijn tussen oost en west op de rivier Cebrus of Ciabrus (de huidige Cibritza of Zibru), maar sommigen denken dat de grens in werkelijkheid verder naar het westen lag. De twee nieuwe provincies bleven elk geleid door een keizerlijk consulaat en een procurator. De splitsing kwam er waarschijnlijk om de organisatie van de verdediging te vergemakkelijken: Moesia had vele versterkingen op de zuidelijke oever van de Donau en zelfs een volledige muur (tussen Axiopolis en Tomi als bescherming tegen de Scythen en de Sarmatianen.
In 106 kon Trajanus na twee oorlogen een nieuwe provincie innemen: Dacia. Die was net ten noorden van beider Moesias. De crisis uit de 3de eeuw zorgde echter dat de grenzen zeer zwak werden en Aurelianus moest het gebied circa 270-275 afstaan aan de Gothen. De Romeinse vluchtelingen uit Dacia vestigden in het centrale deel van wat Moesia was en de regio werd een nieuwe provincie: Dacia Aureliani (Dacia door (of van) Aurelianus). Deze nieuwe provincie werd op haar beurt ook opgesplitst in Dacia ripensis en Dacia interior, zodat het oorspronkelijke Moesia nu in 4 delen opgesplitst was.
Er kwam echter nog een 5de splitsing aan: Diocletianus maakte van Dardania (regio), een district in Moesia superior, bewoond door Illyrische Dardani, een speciale provincie met als hoofdstad Naissus of Nissa (het moderne Niš), de geboorteplaats van Constantijn de Grote.
De Gothen, die Moesia in 250 al eens waren binnengevallen, werden door de Hunnen zwaar aangevallen en kruisten de Donau in 376 opnieuw. Valens, die toen de keizer was, stond de Gothen toe om zich op Romein grondgebied te vestigen, maar er braken al snel twisten uit. In 378, amper 2 jaar na de vestiging op Romeins gebied werd Valens verslagen in de slag bij Adrianople. Die Gothen stonden bekend als de Moeso-Goths, die (o.l.v.) Ulfilas de Bijbel vertaalde naar het Gotisch. Nadien, in 398 trokken de Visigothen op plundertocht door Moesia op weg naar Griekenland (398-401), met in hun kielzog de Hunnen die in 440 plunderend door de streek trokken. Moesia werd daarna een deel van het Oost-Romeinse Rijk en in de 7de eeuw trokken de Slaven en de Bulgaren het gebied binnen en stichtten Servië en Bulgarije.
Moesia inferior was niet zo afhankelijk van die grote heirbaan; het lag op de handelsvaarroute die vanuit Olbia (in het huidige Oekraïne) vertrok en naar Constantinopel leidde. Langs die route kwamen graan, honing en huiden het rijk binnen en Tomi, een stad in Moesia inferior, was een belangrijke tussenpost.
Romeinse provincie | Geschiedenis van Bulgarije
Мизия (град) | Moesia | Moesia | Moesia | מואסיה | Moesia | Mezja | Mesien