Karwij, oude naam echte karwij, (Carum carvi L.) is een tweejarig Europees-Aziatisch kruid, behorend tot de schermbloemenfamilie (Apiaceae of Umbelliferae). De plant komt ook in het wild voor in weilanden, bermen en op dijken.
Karwij bloeit in mei en juni. De bloemschermen zijn samengestelde schermen, die bestaan uit 5 tot 16 stralen, waarop groepjes kleine, witte of rozeachtige bloemen zitten. Aan de schermen zitten 0 tot 3 omwindselbladen en -blaadjes. De vrucht is een 2-delige splitvrucht.
Karwij wordt zowel in Europa als in Noord-Amerika voor zijn aromatische zaden gecultiveerd. De zaadjes zijn is 3 tot 4 mm lang en ei- tot halvemaanvormig en hebben een prettig kruidig aroma, afkomstig uit essentiële oliën, vooral carvon en limoneen. Ook in Nederland wordt karwijzaad geproduceerd en naar beweerd wordt van erg hoge kwaliteit. Het overgrote deel van de productie wordt naar Duitsland en Oostenrijk geexporteerd.
Als medicinaal kruid wordt karwijzaad (Fructus Carvi) onder andere aanbevolen bij maagklachten (winderigheid, opgeblazen gevoel, krampen) en schijnt het de eetlust -maar ook de menstruatie- te bevorderen. Juist in (alternatieve) medicinale informatie lijkt de verwarring tussen komijn en karwij zeer veelvuldig voor te komen.
Karwijzaad is licht gebogen, terwijl komijnzaden recht zijn. Door de overeenkomst in smaak (warm, kruidig, anijsachtig) zijn beide kruiden in gerechten desnoods wel als vervanger voor elkaar te gebruiken, maar de smaak van karwij is grofweg dubbel zo sterk als van komijn en moet daarom in ongeveer de halve hoeveelheden worden toegepast. Afgezien van de sterkte van de smaak, is karwij iets scherper, terwijl komijn wat bitterder is.
Apiaceae | Kruid | Eetbare_plant | Medicinale_plant
Kümmel | كمون | Ким | Kümmel | Caraway | Karvio | Kumina | Carvi | Kömény | Jintan | キャラウェイ | Kmynas | Karve | Karve | Kminek zwyczajny | Тмин | Kumina | Qimnoni | Kummin