article

Kmarx.jpg

Karl Heinrich Marx (5 mei 181814 maart 1883) was een Duitse denker die belangrijke invloed heeft gehad op de (politieke) filosofie, de economie en de sociologie en die een van de grondleggers was van de arbeidersbeweging. Hij woonde en werkte in Duitsland, Frankrijk, België, Nederland en Engeland. Hij had een zeer veelbewogen leven, dat hij deelde met zijn vrouw Jenny von Westphalen en met zijn grote vriend Friedrich Engels, die hem - onder andere financieel - zijn hele leven heeft gesteund en die na de dood van Marx belangrijke werken van hem persklaar maakte.

Als zijn belangrijkste werk wordt meestal Das Kapital (of in het Nederlands: Het Kapitaal) beschouwd.

Op het werk en de denkbeelden van Karl Marx (en Friedrich Engels) is het marxisme gebaseerd.

Biografie


Jeugd en studententijd

Karl Heinrich Marx werd geboren op 5 mei 1818 in Trier (Duitsland) als zoon van Heinrich Marx (1782 - 1838) en Henriette Preszburg (overleden 1863). Zijn ouders waren oorspronkelijk Joods en stamden beiden uit een rabbijnengeslacht - Heinrich Marx heette oorspronkelijk Hirschel Mardochai - maar ze werden protestant omdat het, nadat het voordien tot Napoleons keizerrijk behorende Trier in 1815 bij Pruisen kwam, als jood voor Heinrich heel lastig werd om zijn werk als advocaat te blijven uitoefenen. Karl groeide op in een gematigd liberaal gezin, dat een zekere welstand genoot, maar niet echt rijk was.

Zijn geboortehuis is sinds 5 mei 1968 als museum ingericht: het Karl Marx-huis herbergt een permanente tentoonstelling, gewijd aan het leven en werk van Karl Marx.

Karl voltooit het gymnasium in Trier in 1835. Het voor zijn examen geschreven opstel “Beschouwing van een jongeling over de keuze van een beroep” is bewaard gebleven.

In oktober 1835 gaat Marx rechten studeren in Bonn. Daar komt van studeren niet veel terecht omdat hij meer tijd besteedt aan het studentenleven. Na een jaar besluit Karl’s vader dat het beter voor hem is in Berlijn te gaan studeren. Ondertussen verlooft Karl zich (aanvankelijk in het geheim) met Jenny von Westphalen. In Berlijn krijgt de jonge Marx meer belangstelling voor intellectuele zaken, en stapt hij over van rechten naar filosofie.Hij verdiept zich in de ideeën van Immanuel Kant en Johann Gottlieb Fichte, maar hij raakt vooral zeer sterk onder de invloed van Georg Hegel. Hegel zelf was in 1831 overleden, maar zijn filosofie beheerst de universiteit na zijn dood nog sterker dan bij zijn leven. Er tekenen zich onder zijn leerlingen verschillende stromingen af. Sommige zijn zeer conservatief (de Hegeliaanse filosofie gold in die tijd nog als de Pruisische staatsfilosofie), maar er zijn ook linkse leerlingen. Aan deze laatste, die wel de jong-Hegelianen genoemd worden, voelt Marx zich verwant: Bruno Bauer, Arnold Ruge. Zij zijn vooral kritisch wat betreft de religie.

Marx besluit om niet in Berlijn op zijn proefschrift proberen te promoveren omdat het slecht ontvangen zou worden door zijn negatieve reputatie als jong-Hegeliaan. Hierdoor gaat Marx naar de Universiteit van Jena en promoveert daar in 1841 op “Het verschil tussen de natuurfilosofie van Democritus en van Epicurus”. Na het beëindigen van zijn studie verhuist Marx naar Bonn. Hij hoopt hier een aanstelling als universitair docent te krijgen. Dat lukt hem in het conservatieve Bonn echter niet. Marx wordt dan journalist.

1842 - 1843: Keulen, de Rheinische Zeitung

De Rheinische Zeitung (Rijnlandse Courant) was een radikaal-democratische krant die vanaf 1 januari 1842 in Keulen werd uitgegeven. Marx en Bruno Bauer werden medewerkers van het blad, en in oktober 1842 wordt Marx hoofdredacteur. De krant ontwikkelt zich tot spreekbuis voor jonge kooplieden, bankiers en industriëlen. Marx verhuist naar Keulen. De krant wordt steeds radicaler, de oplaag stijgt aanzienlijk, maar de censuur wordt ook steeds strenger. Op 1 januari 1843 wordt de krant verboden. Marx geeft zijn redacteurschap eraan, maar dat kan de krant niet meer redden en in maart 1843 wordt zij opgeheven. Marx publiceerde o.a. over de persvrijheid, de wetten inzake houtdiefstal en over de armoede van de wijnboeren in de Moezel-streek.

19 juni 1843 trouwen Jenny von Westphalen en Karl Marx, nadat ze elkaar al vanaf hun jeugd kenden en zeven jaar verloofd waren geweest. Het huwelijk vindt plaats in Kreuznach. Daar blijven ze enkele maanden wonen.

Inmiddels heeft Marx kennisgemaakt met het werk van Ludwig Feuerbach. Vooral zijn in 1841 verschenen “Het wezen van het christendom” heeft belangrijk bijgedragen aan de ontwikkeling van het materialistische gezichtspunt bij Marx.

1843 - 1844: Parijs, de Deutsch-Französische Jahrbücher

Marx wordt gevraagd als redacteur van de Deutsch-Französische Jahrbücher (Duits-Franse Jaarboeken). Daartoe dient hij te verhuizen naar Parijs. In de herfst van 1843 arriveren Jenny en Karl in Parijs.

Van de Jaarboeken zal slechts één (dubbel-)nummer verschijnen, in februari 1844. In dat nummer treffen we twee artikelen van de hand van Marx aan:

  • Karl Marx – Kritiek op Hegels rechtsfilosofie. Inleiding
  • Karl Marx – Het vraagstuk der Joden (Zur Judenfrage)
    Een bespreking van twee geschriften van Bruno Bauer over het vraagstuk der Joden.
We vinden in dat ene verschenen nummer van de Duits-Franse Jaarboeken ook twee artikelen van Friedrich Engels:
  • Friedrich Engels – Schets van een Kritiek der Politieke Economie (Umrisse zu einer Kritik der Nationalökonomie)
  • Friedrich Engels – Bespreking van Thomas Carlyle’s “Verleden en heden”
Tenslotte bevat het Jaarboek nog een aantal brieven van Marx.

De levenslange samenwerking tussen Karl Marx en Friedrich Engels heeft in dit Jaarboek voor het eerst vorm gekregen. Ze hadden elkaar in 1842 al ontmoet, maar die kennismaking was oppervlakkig gebleven. De “Schets” heeft mede Marx’s belangstelling voor de klassieke politieke economie aangewakkerd. Marx werkt tussen april en augustus 1844 aan zijn (nooit voltooide) Economisch-filosofische Manuscripten (ook wel genoemd: de Parijse Manuscripten). Deze zijn voor het eerst gepubliceerd in 1932.

Tijdens zijn verblijf in Parijs maakt Marx voor het eerst uitgebreid kennis met de Franse socialisten.

De activiteiten en publicaties van Marx blijven niet onopgemerkt. De Pruisische regering formuleert een aanklacht wegens majesteitsschennis en hoogverraad tegen hem en vraagt de Franse regering hem uit te wijzen.

1845 - 1847: Brussel, het Communistisch Manifest

Begin 1845 vertrekt Marx daarop naar Brussel. Hij doet afstand van zijn Pruisisch staatsburgerschap.

Een eerste gezamenlijk werk van de hand van Marx en Engels verschijnt in februari 1845: De Heilige Familie, een kritiek op Bruno Bauer en de zijnen. In hetzelfde jaar beginnen ze met het schrijven van De Duitse Ideologie – een kritiek op Feuerbach, Bruno Bauer en Max Stirner -, met daarin opgenomen de beroemde Stellingen over Feuerbach. Een uitgever wordt niet gevonden. De eerste volledige publicatie dateert van 1932.

In 1847 verschijnt “De armoede van de filosofie”, een kritiek op “De filosofie van de armoede” door Pierre-Joseph Proudhon. Anders dan de titel doet vermoeden is dit vooral een economische uiteenzetting, waarin de waardetheorie uitgebreid aan de orde komt. De arbeids(ver-)deling wordt besproken en de concurrentie. Het boek bevat ook een hoofdstuk over grondrente.

Eind 1847: bijeenkomst van Bond der Rechtvaardigen (later: Bond der Communisten) in Londen. Engels is erbij aanwezig. Marx en Engels krijgen de opdracht een programma te schrijven: het op 21 februari 1848 verschenen Communistisch Manifest, dat als motto heeft: “Proletariërs aller landen, verenigt U!” De beroemde beginregel van dit Manifest luidt:

“Een spook waart door Europa – het spook van het communisme.”

1848

1848 wordt wel genoemd “het revolutiejaar”. In Frankrijk, Nederland, Italië en Oostenrijk breken opstanden uit. Marx gaat begin 1848 terug naar Parijs. In april gaat hij terug naar het Rijnland, waar hij zich in juni – samen met Engels – op de Neue Rheinische Zeitung (de Nieuwe Rijnlandse Courant) stort.

In mei 1849 verschijnt het laatste nummer van de NRZ, in vlammend rood.

Marx wordt opnieuw uitgewezen. Hij gaat nog even terug naar Parijs, maar vertrekt in 1850 naar Londen.

1850: Londen

De rest van zijn leven zal Marx in Londen wonen. Hij stort zich op zijn economische studies, in de leeszaal van het British Museum. Financieel gaat het hem lange tijd erg slecht: in maart 1850 wordt hij met zijn gezin met vier kleine kinderen uit zijn woning gezet en worden zijn bezittingen verbeurd verklaard. Pas eind zestiger jaren worden de financiële zorgen wat minder.

Zijn vrouw Jenny heeft hem bij zijn activiteiten altijd loyaal ondersteund en verrichtte vaak ook secretaresse-werkzaamheden voor hem. Hun huwelijksleven was echter niet vrij van spanningen. Het gezin leefde in armoedige omstandigheden, ook al kwam Marxs vriend Friedrich Engels niet zelden te hulp als de nood heel hoog werd. Drie van de zeven kinderen overleden al op jonge leeftijd.

De verhouding tussen de twee echtelieden werd er niet beter op toen Marx een buitenechtelijk kind verwekte, een zoon genaamd Frederick (1851-1929), bij de uit Duitsland met het gezin meegekomen inwonende dienstbode Helene Demuth. Het vaderschap werd officieel op zich genomen door Friedrich Engels, een vriend op wie Marx altijd aankon.

Ondertussen verschijnen:

  • 1850: De Klassenstrijd in Frankrijk – een historisch materialistische interpretatie van de gebeurtenissen in het revolutiejaar.
  • 1852: De Achttiende Brumaire van Lodewijk Napoleon - eveneens een onderzoek van de periode 1848 tot 1851 in Frankrijk.
  • 1859: Bijdrage aan de kritiek der politieke economie (Zur Kritik der Politischen Őkonomie) – een voorstudie voor Het Kapitaal, met het bekende voorwoord en de veelgeciteerde inleiding.

Politiek brengt Marx een aantal jaren in betrekkelijke afzondering door. Aan dit isolement komt pas een einde met de oprichting van de International Working Men’s Association op 28 september 1864 (later bekend onder de naam: Eerste Internationale).

In 1867 verschijnt eindelijk het eerste deel van Das Kapital (Het Kapitaal), Marx’s “magnum opus”. De volgende delen zullen niet meer tijdens Marx’ leven verschijnen.

De laatste jaren

Gedurende de jaren na 1867 verschijnen nog enkele belangrijke werken, waaronder in 1871: De Burgeroorlog in Frankrijk.

In 1872 woont Marx het congres van de Internationale in Den Haag bij.

Pas in 1970 wordt de volledig tekst gepubliceerd van een stuk dat Marx in 1875 schreef naar aanleiding van de oprichting van de Duitse sociaal-democratische partij: de Kritiek op het Program van Gotha.

Als op 2 december 1881 zijn vrouw Jenny overlijdt, is Marx zelf te ziek, om haar begrafenis bij te wonen. Friedrich Engels spreekt aan haar graf:

“Ik behoef niet van haar persoonlijke eigenschappen te spreken. Haar vrienden kennen haar en zullen haar niet vergeten. Zo er ooit een vrouw geweest is, wier grootste geluk het was, anderen gelukkig te maken, dan was het deze vrouw.”
En Engels voelde het goed aan toen hij op die sterfdag van Jenny Marx zei:

“De Moor is ook gestorven” (“De Moor” was een bijnaam van Marx).

Op 11 januari 1883 overlijdt plotseling Marx’ dochter Jenny. Die klap komt hij niet meer te boven. 14 maart overlijdt hij. Op 17 maart wordt hij bijgezet in het graf op 'Highgate', aan de noordkant van Londen. Ook nu spreekt Engels aan het graf:

“....Want Marx was voor alles revolutionair. Mede te werken, op deze of gene wijze, aan den val van de kapitalistische maatschappij en de door haar geschapen staatsinrichtingen, mee te werken aan de bevrijding van het moderne proletariaat, aan wie hij het eerst het bewustzijn van zijn eigen positie en zijn behoeften, het bewustzijn van de voorwaarden voor zijn bevrijding gegeven had – dat was zijn werkelijke roeping. De strijd was zijn element. En hij heeft gestreden met een hartstocht, een taaiheid, een succes als weinigen.....”

“En daarom was Marx de meest gehate en meest belasterde man van zijn tijd. Regeringen, absolute zowel als republikeinse, wezen hem uit, bourgeois, conservatieve en uiterst-democratische, logen als om strijd hun lasteringen over hem. Hij schoof dat alles opzij als spinrag, sloeg er geen acht op en antwoordde slechts als er volstrekte noodzaak bestond. En hij is gestorven, vereerd, bemind, betreurd door miljoenen revolutionaire mede-arbeiders, die van de Siberische mijnen af over heel Europa en Amerika tot in Californië toe wonen en ik kan het ronduit zeggen: hij had wellicht nog menige tegenpartijder, maar nauwelijks nog één persoonlijke vijand.”

“Zijn naam zal door de eeuwen voortleven en zo ook zijn werk.”

Aldus Engels' grafrede.

Marxisme


Hoofdartikel: marxisme

Het marxisme is een levensbeschouwing die voortbouwt op de ideeën van Karl Marx. Het is een theorie over filosofie, economie en politiek en vormde de grondslag voor de ideologie van de arbeidersbeweging. Vrijwel iedereen zal erkennen dat de invloed van deze theorieën enorm is geweest, ook al zijn er heel verschillende opvattingen over de vraag of deze invloed - in balans genomen - heilzaam of rampzalig is geweest.

Marx heeft bij de ontwikkeling van zijn filosofische denkbeelden ondermeer invloed ondergaan van de dialectiek van Georg Hegel, de economische inzichten van Adam Smith, de atheïstische denkbeelden van Ludwig Feuerbach en de ideeën van de Franse socialisten van de eerste helft van de 19e eeuw, zoals Proudhon en Saint-Simon, welke door Marx, die weinig respect had voor mensen die met hem van mening verschilden, overigens geringschattend "utopische socialisten" werden genoemd.

Deze invloeden verwerkte Marx op “dialectische” wijze: als “these” die hij met zijn “antithese” beantwoordde. Daardoor heeft Marx ook scherpe kritiek op met name Hegel: die ging er in zijn dialectiek van uit dat ideeën de geschiedenis van de mens bepalen ('idealistische filosofie'), terwijl Marx van mening was dat deze ideeën niet van fundamentele betekenis waren, maar afgeleid waren van 'materialistische' verhoudingen, namelijk de door de mens ontwikkelde productie en de daaruit voortvloeiende productieverhoudingen (bijv. tussen loonarbeid en kapitaal). "Bewustzijn is bewust zijn", schreef hij, of anders gezegd: "De mens maakt wel zijn eigen geschiedenis, maar niet onder zelfgekozen verhoudingen." Dat denken paste hij toe op de sociale vraagstukken van zijn tijd.

Nog fundamenteler was Marx's kritiek op Adam Smith, die van mening was dat het "vrije spel der maatschappelijke krachten" uiteindelijk voor iedereen de beste resultaten zou opleveren. Marx was ervan overtuigd dat grote delen van de bevolking hierbij aan het kortste eind zouden trekken. Hij was van mening dat aan het proletariaat (degenen die in loondienst zijn, en die dus met hun arbeid de winst produceren) ook de winst (of nauwkeuriger gezegd de "meerwaarde") moest toevallen. Alleen zo zouden deze werkelijke producenten meester kunnen worden van de productiemiddelen, die door het eigendom van de kapitaalbezitters nu als vreemde, onteigende ("vervreemde") macht boven hen staan en hen zo beheersen. De kapitaalbezitters bezitten door die "uitbuiting" (toeeigening van "meerwaarde") de kapitaalgoederen zoals: machines, fabrieken, maar ook de (landbouw)grond enz.: de productiemiddelen die nodig zijn om onze bestaansmiddelen voort te brengen. Marx vond dat het proletariaat in opstand moest komen om de politieke en economische macht weer bij het volk te brengen. Daarvoor was een revolutie nodig, waarin de proletariërs (met organisatorische steun van hen welgezinde intellectuelen) de macht zouden overnemen van de kapitaalbezitters. "Proletariërs aller landen verenigt u", dat waren zijn belangrijkste woorden. Vecht voor een klassenloze maatschappij, aldus Marx.

Marx was verder van mening dat het kapitalisme "zijn eigen grafdelver" zou zijn, doordat het - vanwege de tendens tot vorming van supergrote ondernemingen en monopoliën - in rap tempo de middenklasse van kleine ambachtslui en winkeliers zou vernietigen, die tot dusverre een belangrijke steunpilaar vormde voor de feodale en kapitalistische heersende klasse, omdat zij net als de boven haar gestelde klassen beducht was voor het proletariaat.

Marx was van mening dat de “burgerlijke samenleving” uiteindelijk omver zou worden geworpen door een “Revolutie van het proletariaat” en dat er daarna een “klassenloze samenleving” zou komen.

Hoe Marx zijn ideeën uitdroeg


Om zijn ideeën over een ruim publiek uit te dragen, schreef Marx daarover een aantal boeken en pamfletten. De bekendste twee daarvan zijn: Das Kapital en het Communistisch Manifest.

Mede-auteur van het Communistisch Manifest was Marx' vriend Friedrich Engels, die ook na Marx' dood de laatste twee delen van Das Kapital zou redigeren. Het Manifest is bedoeld als politiek programma voor de arbeidersbeweging, in het algemene Europese Revolutiejaar 1848 uitgegeven door de Bond der Communisten. Das Kapital bestaat uit drie forse delen en is een analyse van de veronderstelde economische wetten van het kapitalisme en de (sociale) gevolgen daarvan. In het Communistisch Manifest wordt de geschiedenis geanalyseerd als bepaald door klassenstrijd en wordt de kapitalistische kapitaalsaccumulatie geanalyseerd. Dit welbewust opruiende pamflet heeft als belangrijkste conclusie: de productiemiddelen moeten onder controle van de hele maatschappij worden gebracht in plaats van die van een steeds verder slinkende groep kapitalisten, die ieder voor zich over steeds groeiende vermogens beschikken. Daarvoor moeten de arbeiders zich organiseren om macht over de regering te krijgen.

In de vraag hoe de arbeiders deze productiemiddelen zouden moeten beheren, verdiepte Marx zich nauwelijks. Hij vond dat een detailkwestie, die wel geregeld kon worden wanneer de arbeiders eenmaal de macht in handen zouden hebben.

Karl Marx heeft Engels leren kennen toen Marx in Parijs bij het tijdschrift Die Deutsch Franzosische Jahrbücher werkte en een spottend artikel schreef over de politiek in Frankrijk. Engels reageerde op dit stuk en zo zijn ze vrienden voor het leven geworden.

Literatuur en links


Recente Nederlandstalige literatuur over Marx

Onderstaande (algemene) werken over Marx zijn in elke boekhandel verkrijgbaar:
  • Peter Singer - Marx
    in de reeks “Kopstukken van de Filosofie” van uitg. Lemiscaat (in samenwerking met Oxford University Press), Rotterdam 1999
    Inleiding op het denken van Marx uit 1980, door de filosoof Singer. In dit werk is veel plaats ingeruimd voor een uiteenzetting van Marx' theorie van de vervreemding. Dat hangt samen met het feit dat Singer sterk de nadruk op de betekenis van Marx als filosoof legt, eerder dan als econoom of socioloog.

Wat oudere Nederlandstalige bronnen

Enkele belangrijke werken over Marx die alleen nog tweedehands te krijgen zijn (men maakt een goede kans bij de gespecialiseerde boekhandel, bijv. De Rooie Rat in Utrecht):
  • Franz Mehring - Karl Marx, geschiedenis van zijn leven
    Eén van de eerste uitgebreide biografieën over Marx. De eerste uitgave (in het Duits) verscheen in 1918. De Nederlandse vertaling van 1923 was van de hand van Jan Romein. Verschillende herdrukken (o.a.: Socialistische Uitgeverij Nijmegen 1975).
    Nog steeds zeer lezenswaardig.
  • Ger Harmsen - Marx contra de marxistische ideologen
    Den Haag, eerste druk 1968, tweede druk 1972
    Ger Harmsen was één van de grootste kenners van Marx in het Nederlands taalgebied in de tweede helft van de twintigste eeuw. Deze bundel artikelen bevat een aantal hoofdstukken die nog steeds heel leesbaar zijn.
  • Jevgenia Stepanova - Marx, biografische schets
    Uitgeverij Progres, Moskou 1988
    een aardig geïllustreerd, maar nogal propagandistisch werk.

Nederlandse vertalingen van het werk van Marx

Uitgeverij L.J.C. Boucher (Den Haag) heeft in de reeks “Manifesten” verschillende delen uitgebracht met teksten van Marx (en Engels):
  • Karl MarxKlassieke teksten (1968)
    Vertalingen door J. de Reus en Herman Gorter van: Kritiek op Hegels rechtsfilosofie. Inleiding, Het vraagstuk der Joden, Het Communistisch Manifest, Voorwoord bij de Kritiek der Politieke Economie en delen uit Het Kapitaal.
  • Karl Marx - Parijse Manuscripten, en andere filosofische geschriften (1969)
    Geselecteerd door Erich Fromm; vertaling: Paul Rodenko.
    Voornamelijk delen uit de ‘Economisch-filosofische manuscripten’van 1844. Te lezen in combinatie met: Erich FrommMarx visie op de mens (in dezelfde reeks; 1968)

Bij de SUN (Socialistische Uitgeverij Nijmegen) verscheen o.a.:

  • De Duitse Ideologie

In Moskou werden in de Sovjet-tijd (bij de uitgeverij Progres) een aantal werken van Marx (en Engels) in Nederlandse vertaling uitgegeven, o.a.:

  • Karl Marx - De armoede van de filosofie (1986)

Uitgeverij Pegasus in Amsterdam (de uitgeverij van de gewezen Communistische Partij van Nederland, CPN) bracht ook een groot aantal werken in Nederlandse vertaling uit, vaak in samenwerking met uitgeverij Progres in Moskou

Uitgeverij EPO gaf in 1998 ter gelegenheid van 150 jaar Communistisch Manifest, in de reeks Marxistische Studies, als nr 41, het Communistisch Manifest opnieuw uit, met een historische toelichting van Ludo Martens: "Het Communistisch Manifest - Het Manifest, 150 jaar jong in een geschiedenis die meet met eeuwen" ISBN 90-6445-078-1

''Voor (tamelijk) recente en oudere Nederlandstalige uitgaven van Het Kapitaal zie aldaar.

Internetbronnen


Van belang zijn de volgende Nederlandstalige bronnen op Internet:

Duits econoom | Duits filosoof | Joods persoon | Revolutionair | Communist | Atheïst | socioloog

كارل ماركس | Karl Marx | Карл Маркс | কার্ল মার্ক্‌স | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Καρλ Μαρξ | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | کارل مارکس | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | קרל מרקס | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | カール・マルクス | Karl Marx | მარქსი, კარლ | 카를 마르크스 | Karl Marx | Carolus Marx | Karlas Marksas | Карл Маркс | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karol Marks | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Маркс, Карл | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Marx | Karl Henrich Marx | Karl Marx | Karl Marks | Карл Маркс | Karl Marx | Karl Marx | คาร์ล มาร์กซ | Karl Marx | کارل مارکس | Karl Marx | 卡尔·马克思 | Karl Marx

 

This article is licensed under the GNU Free Documentation License. It uses material from the "Karl Marx".

Home Pageartsbusinesscomputersgameshealthhospitalshomekids & teensnewsphysiciansrecreationreferenceregionalscienceshoppingsocietysportsworld