Glas is een niet-kristallijne halfvaste vloeistof.
Wanneer een vloeistof voldoende snel wordt afgekoeld, wordt er vaak de mogelijkheid om te kristalliseren aan ontnomen, doordat het materiaal de gelegenheid niet krijgt om groeikernen voor de kristalgroei te vormen. Bij een temperatuur die meestal veel lager ligt dan het kristallijne smeltpunt ondergaat het materiaal dan een ander soort stollingsproces: een glasovergang. Bij beide vormen van stolling (glaspunt en vriespunt) gaan veel vrijheidsgraden van beweging verloren en kunnen de atomen van het materiaal niet meer vrij bewegen, maar alleen nog om een evenwichtspunt trillen. Het verschil tussen de twee overgangen is dat bij het vriespunt ook een ordening van de structurele eenheden van de stof plaats vindt, wat bij een glasovergang achterwege blijft hierdoor blijft in werkelijkheid dus een vloeistof. dit is aan te tonen door Bv. de rimpels die zich vormen op een oud en slecht afgekoeld raam
SiO4.png De meest bekende vorm van glas, in gebruik voor ramen, (drink)glazen, vazen, e.d. is een mengsel van silicaten. De belangrijkste grondstof daarvoor is kwarts of silica (SiO2) meestal gewonnen uit zand. Silica is een zuur oxide, dat met water kiezelzuur kan vormen.
In pure vorm kan van silica ook een glas gemaakt worden: kwartsglas. Dit materiaal is echter moeilijk te bewerken; het heeft bijvoorbeeld een hoog en vrij abrupt smeltpunt (boven 1100 oC). Kwartsglas wordt alleen voor speciale doeleinden toegepast, bijvoorbeeld in cuvetten die UV-licht doorlaten of voor ampullen die hoge temperaturen moeten kunnen doorstaan. Het is echter naar verhouding duur. De verwachting is dat dat binnenkort echter verandert omdat er een nieuwe manier is gevonden om kwartsglas te bewerken namelijk door middel van een sterke laser die relatief goedkoop is.
Gewoon glas bestaat uit slechts 70% SiO2, en veel zachtmakers (10% CaO, 15% Na2O) en wordt verwerkt op 700°C. Wegens zijn samenstelling noemt men het ook natronkalkglas. Het heeft een hoge thermische uitzetting, en is daardoor niet geschikt voor labo-toepassingen. Daar gebruikt men een glas met een bijzondere samenstelling (Pyrex) of het veel duurdere kwartsglas. De beide laatste materialen zijn goed tegen snelle temperatuursveranderingen opgewassen.
Het meeste glas wordt gefabriceerd door aan het zure SiO2 basische verbindingen, zoals natrium- of kaliumhoudende carbonaten, toe te voegen. Ook zware metalen zoals lood (in kristalglas) worden toegepast. Glas is chemisch gezien dus een mengsel van silicaten Na-K-Ca-Mg-...-Si-O. Afhankelijk van de precieze samenstelling heeft het glas verschillende eigenschappen, bijvoorbeeld een ander smeltpunt, een andere brekingsindex, dispersie of een andere uitzettingscoëfficiënt. Omdat bij verwarming een glazen voorwerp door uitzetting kan springen, maakt men glas met een speciale samenstelling (Pyrex), waar dit soort problemen minimaal zijn. Voor toepassingen in de optica, met name voor speciaal gecorrigeerde objectieven, worden glassoorten met zeldzame aarden of fluoriet gebruikt die een extreem lage dispersie hebben.
Silicaten zijn zeker niet de enige materialen die een glasovergang ondergaan. We hoeven maar in de moderne huiskamer om ons heen te kijken. Veel van de kunststoffen die we daar aantreffen worden ook in de glasvorm toegepast. De kristallijne vorm is bij polymere kunststoffen zelfs eerder uitzondering dan regel.
Het is zelfs mogelijk om metaal-glazen te maken. Daartoe moet de smelt echter wel zeer snel afgekoeld worden, omdat glasvorming vooral gemakkelijk optreedt wanneer de smelt visceus (stroperig) is en dat is bij metalen niet zo. De benodigde ultra-snelle afkoeling wordt bereikt door een dun straaltje gesmolten metaal op een trommel te schieten die snel ronddraait en van binnen uit sterk gekoeld wordt.
Een groot voordeel van glazen is dat het isotrope materialen zijn, die geen korrelgrenzen vertonen. De isotropie en de relatief gemakkelijke vormbaarheid van een glas maakt het mogelijk om 'glasheldere' doorzichtige voorwerpen te maken. Ook andere eigenschappen zoals sterkte en hardheid zijn vaak erg goed en bovendien te regelen door de samenstelling te veranderen. Een nadeel is dat glas erg breekbaar is. Voor polymere glazen is dat ook het geval, maar het is mogelijk om materialen te maken die zowel glasachtige delen en rubberachtige delen bevatten, waardoor men het beste van twee werelden kan verkrijgen, zowel de hardheid van het glas en de taaiheid van de rubber. Een goed voorbeeld daarvan is HIPS (High-Impact PolyStyreen).
Glas | Стъкло | Vidre | Sklo | Glas | Glas | Glass | Vitro | Vidrio | Klaas | Beira | شیشه | Lasi | Verre | Vidro | זכוכית | Staklo | Kaca | Vitro | Vetro | ガラス | Kaca | 유리 | Cam | Stiklas | Стакло | Kaca | Glas | Glass | Авг | Szkło | Vidro | Sticlă | Стекло | Staklo | Glass | Steklo | Glas | แก้ว | Cam | ئەينەك | Скло | Thủy tinh (chất) | 玻璃