Onder fossielen verstaat men meestal de versteende overblijfselen van planten/dieren in de geologische kolom.
Aangezien de geologische kolom volgens de moderne geologie is gevormd door afzetting van sedimenten over perioden van miljoenen jaren, kunnen de fossielen ons veel vertellen over de geschiedenis van het leven op aarde. Toch kunnen we niet verwachten dat alle levende wezens die ooit hebben geleefd als fossiel bewaard zijn gebleven omdat fossilisatie (=de vorming van fossielen uit dode organismen) zeldzame omstandigheden vereist.
Soorten fossielen
Bij het woord fossielen denkt men het eerst aan de botten van
Dinosauria of van
Mammoeten en het is inderdaad zo dat de harde delen van een organisme de grootste kans maken door fossilisatie geconserveerd te worden. Voor gewervelde dieren zijn dat de botten en vooral de tanden. De zachtere weefsels van het organisme blijven alleen in bijzondere gevallen bewaard en zijn daarom veel zeldzamer. Zachtere weefsels worden alleen dan bewaard als zij snel bedolven raken in een laag die ze afschermt tegen iedere vorm van rot of vraat. Daardoor is het soms moeilijk zich een goed beeld te vormen van het complete organisme. Een goed voorbeeld hiervan zijn de
Conodonta, die lange tijd in grote aantallen alleen van hun tanden bekend waren. Pas toen ook een afdruk van de rest van het diertje gevonden werd werd het duidelijk dat het hier om primitieve vormen van ons eigen Phylum Chordata ging. Bij andere Phyla blijven vaak andere harde delen, bijvoorbeeld schelpen over.
Er zijn een aantal bijzondere vormen van fossilisatie. In barnsteen bijvoorbeeld worden soms complete insecten ingesloten gevonden omdat de hars waaruit de barnsteen ontstaan is een goede afsluiting tegen ieder bederf vormt. Dat geldt op grotere schaal ook voor teerputten. Bij Los Angeles is een goed voorbeeld daarvan in de La Brea teerputten. Van dieren die in de teerput verstrikt raken blijven de botten vaak bijzonder goed bewaard. Bovendien trekken verstrikte dieren vaak roofdieren aan die ook weer verstrikt raken. Daardoor verzamelen zich steeds meer botten in de put.
Naast botten worden ook andere sporen van lang verdwenen dieren gevonden, zoals voetafdrukken of uitgegraven gangen of holen. Het is niet altijd mogelijk om vast te stellen van welke dier zij afkomstig zijn. Zij krijgen daarom vaak hun eigen taxonomische benaming.
Gidsfossielen
Veelal worden fossielen gebruikt om de
ouderdom van de betreffende aardlaag te bepalen. De aldus gevonden datering kan dan gebruikt worden om de ouderdom van andere fossielen in desbetreffende of geassocieerde aardlagen te bepalen. Fossielen die gebruikt worden om aardlagen en andere fossielen te dateren worden
gidsfossielen genoemd.
Etymologie
Het woord komt van Lat.
fossa dat gracht of opgraving betekent en wordt ook wel gebruikt voor onderaardse overblijfselen die niet van organische oorsprong zijn. Een voorbeeld is
fossiel water. Dit is water dat gevonden wordt in een ondergrondse waterdragende laag onder wat nu een woestijn is, maar lang geleden een vochtiger gebied was.
Zie ook
Externe links
- http://www.fossiel.net/
- http://www.geocities.com/avanmarrewijk/fossielvorming.html - Meer over fossielvorming en tips om zelf fossielen te vinden
Paleontologie
أحافير | فسیل | Fosili | Fòssil | Fosílie | Fossil | Fossil | Fossil | Fosilio | Fósil | Kivistis | Mikrofosil | سنگواره | Fossiili | Fossile | Fósil | מאובן | Fosil | Fosil | Fossile | 化石 | 화석 | Fosilija | Fossil | Skamielina | Fóssil | Окаменелости | Fosil | Fossil | Fosil | Fossil (geologi) | தொல்லுயிர் எச்சம் | ซากดึกดำบรรพ์ | Fosil | تاشقا ئايلانغان جىسىم | 化石