Onder fijnbos wordt de zeer soortenrijke vegetatie verstaan in de Kaapstreek in Zuid-Afrika. Het westen van dit gebied wordt door een typisch Middellandse Zeeklimaat gekenmerkt, in het oosten zijn de neerslagen zonder duidelijk jaargetijdelijk maximum over het jaar verdeeld. Gedurende hetere en drogere weerperiodes komt het tot veldbranden welke een belangrijke bijdrage aan het vegetatiebeeld geven: veel zaden ontkiemen slechts na de intense hitte van een veldbrand. De naam fijnbos slaat op de voor bouwhout ongeschikte dunne stammen van de struiken. Opmerkelijk is dat de meeste talen de Afrikaanse benaming "fynbos" letterlijk over hebben genomen.
De fijnbosvegetatie groeit in een 100 tot 200 km brede kuststrook tussen de steden Clanwilliam en Port Elizabeth en maakt deel uit van het Kaapse florarijk, ook wel Capensis genoemd. Het Kaapse florarijk is van de zes plantenkoninkrijken op aarde de kleinste en rijkste (vergelijk Holarctis, het noordelijk halfrond...). Het fijnbos bedekt ongeveer de halve oppervlak van het Kaapse Florarijk en herbergt ongeveer 80% van de daar voorkomende plantensoorten. In aantallen betekent dit meer dan 7000 varen- en bloemplantensoorten (meer dan de helft daarvan endemisch) op een oppervlakte van 46.000 km² (ter vergelijking: in Nederland, landoppervlak 33.000 km², komen zo'n 1400 plantensoorten voor, geen één daarvan endemisch). De fijnbosvegetatie in het deel van de Kaapstreek welke een Middellandse Zeeklimaat heeft is beduidend veelzijdiger als in het oostelijk deel van de Kaapstreek. Blom2groot.jpg
De flora van het fijnbos is rijk aan met struiken begroeide hardbladerige gewassen. Met bijzonder veel soorten vertegenwoordigd zijn hier de proteaächtigen (proteaceae) welke op grote vlaktes het landschap tekenen en met hun handpalm-grote, door vogels bestuifde bloemen van veraf herkenbaar zijn. Eveneens op grote vlakten voorkomende komen heideachtigen (ericaceae) in meer dan honderd soorten voor. De met de grassen verwante restionaceae - slechts weinige soorten komen buiten het fijnbos voor - tekenen de nattere groeiplaatsen. Rond de 1400 bolplanten - waarvan alleen al 96 gladiolensoorten en 54 lachenalia's - behoren tot de flora van het fijnbos.
Van economische betekenis is van de voorkomende planten bijvoorbeeld de Rooibos, welke op grote schaal verzameld en gecultiveerd wordt in het gebied rondom de Cederberg. Als rooibosthee is deze plant een belangrijk landseconomisch exportproduct uit de kaapstreek. Ook honingbosthee (of bergthee) wordt uit planten uit het fijnbos gewonnen; deze kan uit meerdere endemische soorten uit het cyclopiageslacht gewonnen worden. Agulhas1.jpg Veel soorten uit de fijnbosflora worden in regio's met een Middellandse Zeeklimaat als sierplanten gebruikt (bijvoorbeeld talrijke aloën, pelargoniums) of zijn in koelere regionen als koude kas- of vensterbankplant in gebruik. Vooral in de bloeitijd is het fijnbos een populaire toeristische attractie voor buitenlandse toeristen en door het jaar heen een belangrijk recreatiegebied voor de grotere regio rond Kaapstad.
Grote delen van de fijnbosvegetatie zijn door de uitbreiding van de agglomeratie rond Kaapstad, een zich uitbreidende landbouw en de uitbreiding van uitheemse plantensoorten reeds geruïneerd. Talrijke planten uit het fijnbos zijn reeds uitgestorven, en meer dan 1000 soorten gelden als tot uitsterven bedreigd. Er worden inspanningen gedaan om door reservaten representatieve delen van de vegetatie te behouden (bijvoorbeeld in het nationaal park Tsitsikamma). De voortdurende afbraak van leefruimten onderstreept echter dat hier nog meer gedaan moet worden.