Een ets is een diepdruktechniek waarbij getekend wordt op een met vernis afgedekte koperen of zinken plaat. De tekening wordt vervolgens ingebeten in zuur en op vochtig papier afgedrukt.
Het is dus niet verwonderlijk dat de gravure als reproductietechniek haar oorsprong vond in deze wapensmeden, aangezien de gebruikte techniek zeer gelijkaardig was.
De gravure veroverde al snel haar plaats binnen de beeldende kunst. Het voordeel van deze reproductietechniek was dat zij in een hoge oplage kon worden gedrukt. Door de oplage was een prent (verzamelnaam voor alle handgedrukte vormen van beeldende kunst) aanzienlijk goedkoper dan een schilderij. De ontwikkeling van de prentkunst is niet alleen beeldend maar ook sociaal interessant; zij opende voor veel mensen die niet het vermogen hadden een schilderij te kopen de mogelijkheid het huis te versieren.
De twee eerste gedateerde gravures (1398) zijn te vinden in het museum te Colmar, Frankrijk.
Het etsen gebeurt op een koperen of zinken plaat. Deze plaat dient gepolierd te worden met fijn schuurpapier om een zo glad mogelijk etsoppervlak te verkrijgen. De scherpe randen worden gevijld zodat het vilt van de rolpers niet beschadigd raakt tijdens het drukken.
De bovenkant van de metalen plaat wordt afgedekt met een dunne afdeklaag. Deze afdeklaag bestaat uit asfaltpoeder en bijenwas. Zijkanten en onderzijde van de plaat dekt men af met goedkopere spirituslak (schellak opgelost in spiritus). Vervolgens brengt de etser met een etsnaald de afbeelding (lijnets) aan in de afdeklaag.
Afhankelijk van het gebruikte metaal en de bedoelingen van de etser, wordt de plaat in zuur of in zout gebeten. Het bijten in zout (ijzerchloride) heeft als voordeel dat het de lijnen uitsluitend in de diepte bijt. De nadelen van bijten in zout zijn dat ijzerchloride een ondoorzichtige bruine vloeistof is – de etser ziet dus niet wat hij doet – en dat het bijtproces zeer traag verloopt. Bijten in ijzerchloride kan met koper. In de regel worden etsplaten in salpeterzuur gebeten, een snel bijtend zuur met als nadeel dat het de lijnen ook verbreedt. Een in salpeterzuur gebeten lijn is rafelig. Na het inbijten wordt de afdeklaag verwijderd met terpentijn.
Als een plaat klaar is, wrijft men de lijnen in met inkt. Vervolgens wordt de plaat afgeslagen: de inkt wordt met de hand van de plaat afgewreven, waarbij alleen de inkt in de geëtste partijen blijft staan. Daarna drukt men de ingeïnkte plaat onder een etspers af op vochtig papier. Het water in het papier trekt de inkt aan, waardoor de geëtste tekening zich in spiegelbeeld aan het papier hecht.
Tijdens het etsproces maakt de etser regelmatig tussendrukken. Deze tussendrukken noemt men staten. Op basis hiervan kan telkens een volgende stap gezet worden.
Voor een overzicht van verwante grafische technieken, zie Graveerkunst.
Artistieke techniek | Beeldende kunst
Aiguafort | Lept | Radierung | Etching | Aguafuerte | Eau-forte | Ets | Bakropis | エッチング | Oforts | Etsning | Akwaforta | Офорт | Lept | Etsning | Травлення