De Alant (Inula) is een geslacht van planten in de Composietenfamilie.
Gemeenschappelijke kenmerken zijn dat de pappus uit haren bestaat, dat stroschubben ontbreken en dat de bloemhoofdjes vrij vlak zijn.
Soorten
- Het Donderkruid (Inula conyzae) heeft bovenaan stengelbladen die hartvormig stengelomvattend zijn. De bloemhoofdjes zijn pm 1 cm breed en staan alleen of in kleine groepjes.
- De Griekse alant (Inula helenium) heeft heeft meer dan 4 mm brede omwindselbladen.
- De Engelse alant (Inula britannica) heeft niet glandende, niet stijve stengelbladen, waarvan de onsterste bij de voet steelachtig versmald zijn. De stengel is vaak maar niet altijd wollig behaard.
- De wilgalant (Inula salicina) heeft stengelbalkderen die wel stijf en glanzig zijn. De stengel iervan is grotendeels kaal.
- De Inula crithmoides is een tot 1 meter hoge overblijvende plant die In Europa en Azië voorkomt langs zoute moerassen en zeekliffen. De plant heeft smalle vlezige bladeren. De grote bloemhoofdjes hebben 6 schijnkroonbladen. De bloemen zijn hermafrodiet. Er kan zelfbevruchting optreden, maar bestuiving door bijen, kevers en vliegen is ook mogelijk. Jonge bladen kunnen gekookt en gegeten worden.
Asteraceae
Alant | Golden samphire | Oman (roślina)